Vincent Van Dessel over veertig jaar beurs: "De beurs van Brussel bloeddood, dat is helemaal niet het geval"

In De Melkerij, in Brasschaat, met een whiskytje binnen handbereik en de gemoedelijke nuchterheid die past bij een man die de Brusselse beurs van het parket tot de cloud heeft zien evolueren, schuift Vincent Van Dessel aan. Hij begon als wisselagent op de vloer in 1984, deed de fusie tot Euronext mee in 2000, en is sinds zijn pensioen voorzitter van de Vlaamse Federatie van Beleggers. Aan tafel: hoe de beurs van Brussel echt werkt, waarom de Bel20 niet stervende is maar geconcentreerder wordt, waarom kabel-lengte tussen computers in Bergamo het verschil maakt tussen winst en verlies, en waarom hij denkt dat we crypto nooit hadden moeten omarmen.

“Wij zijn allemaal gewoon debielen die in de donker naar tasten en dat is wel heel veel waard.“

Het is een opvallend zelfrelativerend openingsbeeld voor een man die letterlijk in het hart van de markt zat. Maar daar zit de Van Dessel-stijl ook in: een nuchter inzicht dat de beurs een mensenwerk is, met al de feilbaarheid die daarbij hoort.

Waarom Euronext zijn naam dankt aan een Hakkers-paranoia ▶ 3:03

Het verhaal van hoe Euronext zijn naam kreeg, is bijna anekdotisch. Eigenlijk begon de samenwerking met Parijs in 1996, toen de Brusselse beurs eerste klant werd van het toen nieuwe Parijse handelssysteem. De Joint Venture die daaruit volgde was 75 procent Parijs, 25 procent Brussel en kreeg de naam Euronext, waarbij “next“ stond voor New Exchange Technology.

“In 2000, toen we echt samengingen met de Nederlanders, hebben we die naam gekozen omdat hij neutraal was en vooral omdat we de domeinnaam al hadden. Dat gebeurde in alle stilte. We waren bang dat de Hakkers de domeinnaam onmiddellijk zouden reserveren.“

Het wereldwijd eerste fusiebeurs werd geboren met een paranoïde maar pragmatische bescherming tegen domeinkapers van het toenmalige tijdperk. Sindsdien beheert Euronext zeven beurzen: Brussel, Parijs, Amsterdam, Lissabon, Dublin, Oslo en Milaan, samen genoteerd op zichzelf.

De spectaculaire stille revolutie: 5% naar 97% ▶ 5:20

Wat de fusie concreet heeft betekend voor de Belgische aandelen, is een cijfer dat zelden onthouden wordt.

“In 2000, voor de fusie, kwam ongeveer vijf procent van het volume in Brussel vanuit het buitenland. Vandaag is dat meer dan zevenennegentig procent.“

Voor Van Dessel is dat het hart van de stille revolutie. De Belgische aandelen zijn niet langer gegijzeld in een lokaal pondje. Een aandeel als Solvay of ABInBev wordt vandaag mondiaal verhandeld, met institutionele beleggers in Londen, New York en Singapore die hetzelfde orderboek lezen. De prijs is daarmee een wereldprijs geworden.

"De beurs van Brussel bloeddood is helemaal niet het geval" ▶ 6:52

Aan de mythe dat de Brusselse beurs zou afsterven, hangt Van Dessel een pak nuance.

“We krijgen zeker de titel van beurs van Brussel bloeddood. Dat is helemaal niet het geval. De beurskapitalisatie staat ongeveer op zijn historisch maximum.“

Wat veranderd is, is dat er minder bedrijven genoteerd zijn maar de gemiddelde waarde per bedrijf veel hoger ligt. De fusiegolven van de afgelopen twintig jaar hebben gemaakt dat kleine en middelgrote bedrijven verdwenen, ofwel via overname ofwel via verhuis naar private equity. Wat overbleef, zijn een handvol giganten die de index domineren maar niet meer als spiegel van de Belgische economie functioneren. Van Dessel onderkent dat als een probleem dat aandacht verdient van de overheid.

Argenx als de Belgische uitzondering ▶ 12:16

Maar er is een sector waar Vlaanderen wereldwijd uitblinkt: biotechnologie.

“Argenx is naar de beurs gekomen op 50 of 100 miljoen waarde, en die is nu vijf miljard waard. Dat is een ongelooflijke prestatie. De biotech van België vertegenwoordigt meer dan zeventig procent van alle Euronext-markten op dat vlak.“

Het is het soort feit dat in Vlaanderen onderbelicht blijft. Een land waar je nog steeds de cliché klaagt dat we “geen Apple of Nvidia hebben“, terwijl we wel vele van de wereldtopspelers in biotech aan de Brusselse beurs zien noteren. Voor Van Dessel is dat een niche die we moeten koesteren en uitbouwen, niet onderschatten.

Waarom Belgische werknemers nooit echt aandeelhouder worden ▶ 21:33

Een van Van Dessels grootste frustraties is hoe België werknemersparticipatie fiscaal vermoordt.

“Als je in Amerika aandelen geeft aan uw personeel, dan gaat er meer dan zestig procent naar de staat in België. Dat is gewoon vreselijk, dat gaat niet.“

Hij ziet werknemersparticipatie nochtans als sociaal én economisch winnend model. Een werknemer met aandelen is een mede-eigenaar, geen passieve partij. Hij kijkt anders naar het bedrijf, denkt mee, en heeft zelfs in herstructureringsmomenten een troostprijs in de vorm van waarderende koersen. Internationaal zie je dat technologische bedrijven dit standaard inbouwen. In België gaan jongeren bij die tech-bedrijven werken om dezelfde reden weg uit het Belgische fiscaal kader. Het is een handicap die Van Dessel verbazingwekkend openhartig benoemt voor een ex-bestuurder van het Belgische marktsysteem.

Hoe je een tweeling leert beleggen met aandelen ▶ 25:30

De anekdote die hij voor de eerste communie van zijn kinderen ontwikkelde, vertelt iets over zijn pedagogische visie op beleggen.

“Voor de eerste communie van mijn tweeling heb ik ze aandelen gegeven. Het waren aandelen van Neuhaus die toen naar de beurs gekomen waren. Ik zei: nu ben je mede-eigenaar. En dat vonden ze heel goed, want dan dachten ze dat ze overal in de winkels gratis pralines konden gaan halen.“

Van Dessel werkt het anekdote uit als illustratie van hoe vroeg je kinderen kunt laten kennismaken met aandeelhouderschap, en hoe het verschil tussen dividenden en winkels een eerste les is in wat een aandeel werkelijk doet. Hij raadt jongeren aan om vroeg te beleggen, ook met klein bedragen, om risico te leren kennen. Want, zegt hij rustig, beter een verlies van duizend euro op je vijfentwintigste dan een mislukte beleggingsstrategie op je vijftigste.

Wat een beurs niet vierentwintig uur per dag laat draaien ▶ 27:04

Op de vraag waarom traditionele beurzen geen 24/7 handel hebben, geeft Van Dessel een verklaring die schijnbaar saai maar bijzonder fundamenteel is.

“Het probleem van een vierentwintig op zeven beurs is liquiditeit. Hoeveel mensen willen een aandeel verhandelen op vierentwintig uur?“

Voor het grote merendeel van bedrijven heb je gewoon niet genoeg kopers en verkopers om een markt rond te krijgen. Brussel werkt vandaag met twee handelsmethoden: de continue markt waarop de grote aandelen tussen 9 en 17:30 worden verhandeld, en de fixing-markt waarbij kleinere aandelen tweemaal per dag gebundeld worden om voldoende volume te bereiken. Niet alle aandelen verdienen een eigen flikkerlicht, en Van Dessel verdedigt die nuance met de rust van iemand die de afweging dagelijks moest maken.

De razende detectie van Insider Trading ▶ 37:03

Van Dessel was tussen 2000 en 2023 voorzitter van de marktautoriteit, en daar ontwikkelde hij detectiesystemen die later door andere toezichthouders in Europa werden overgenomen.

“Ik heb programma's ontwikkeld om de detectie van Insider Trading, marktmanipulatie en front running te doen. Een soort artificiële intelligentie die je inbouwt om te zeggen: dat scenario, dat gebeurde Insider Trading.“

Hij legt het concrete mechanisme uit: hoge volumes op korte termijn, prijswijzigingen die door geen nieuwsbericht worden verklaard, patronen die de eigen geprogrammeerde alarmen triggeren. Daarna volgt een mensonderzoek. Hij voegt eraan toe: tijdens zijn functie heeft hij zelf nooit gehandeld, juist om niet in conflict te komen met zijn rol als toezichthouder. Het is het soort discretie dat in het Belgische beursklimaat een eer was om in vol te houden.

"We zijn de grootste economische wereldmacht" ▶ 18:26

Een opvallende uitspraak die in het gesprek even spectaculair als naturel komt.

“Niet vergeten: wij zijn de grootste economische macht van de wereld. Europa is groter dan Amerika op gebied van economie. Maar we gebruiken het niet.“

Voor Van Dessel is de Europese consumentenmarkt, met 450 miljoen welvarende mensen, een asset waar Europa zich politiek nooit voldoende rond heeft gemobiliseerd. De Trump-administratie heeft volgens hem het deksel afgehaald van een onaangename waarheid: Europa heeft de macht, maar mist de politieke wil om die te benutten. Hij verbindt het rechtstreeks met de noodzaak om herkomst van energie en defensie autonomer te organiseren.

De kabel naar Bergamo, en wie het tennis wint ▶ 44:01

Een van de meest verrassende details van het gesprek gaat over wat algorithmic trading in de praktijk betekent.

“Ons computercentrum zit in Bergamo in Italië. De traders komen de lengte van de kabels meten tussen hun computer en onze computer om te zorgen dat ze gelijk zijn met hun concurrenten.“

Vijftien traders zitten in datzelfde computercentrum, met hun eigen computers, om de microseconde-voorsprong te kunnen pakken. Wie het eerste reageert op een nieuwsbericht over abinbev, of op een grote koop in New York die compensatie vereist in Brussel, vangt de winst. De rest krijgt niets. Van Dessel vergelijkt het met een tennistoernooi: er is maar één winnaar van die specifieke beweging.

“Vroeger op de vloer was het hetzelfde principe. Wij hadden de gemiddelde verschillen. De snelste loper won, en degene wiens telefooncabine het dichtst bij de trap stond.“

Dezelfde menselijke logica, maar in milliseconden. Van Dessel maakt duidelijk dat de markt niet onmenselijker geworden is, alleen sneller en transparanter. Het principe blijft: wie informatie het snelst verwerkt, krijgt voordeel.

Wat een ETF wel en niet doet ▶ 40:07

Op de paradox dat tachtig à negentig procent van actieve fondsbeheerders de markt niet verslaat, en dat traceer-fondsen niettemin nog steeds in de minderheid blijven, heeft Van Dessel een nuchter antwoord.

“Voor elke koper heb je een verkoper. Dus de helft is mis, de andere helft is goed. Zo simpel is het. Je kan de markt nooit verslaan op lange termijn, behalve met of zonder geluk.“

Wat trackers wel hebben gedaan, is een ander probleem creëren. Door automatisch enkel de grote indexen te volgen, blijven kleinere aandelen onaangeraakt en verdroogt hun liquiditeit. Van Dessel pleit voor een rebalancering: laat de retail-belegger terugkeren naar de kleinere aandelen, want daar ligt nog ongeoogste waarde.

Het Belgische defect tegen werknemersparticipatie ▶ 1:07:12

Bij het einde van het gesprek herhaalt Van Dessel zijn pleidooi voor werknemers-aandelenplannen.

“Als de jongeren ook nu beginnen, iemand die veertig jaar voor zich heeft en die belegt niet in aandelen, dan gaat die arm blijven.“

Hij verbindt het direct met het pensioenprobleem. België heeft een spaarklimaat dat het traditionele spaarboekje koestert, maar dat geeft geen rendement meer. Wie nu honderd euro per maand belegt en doorzet over veertig jaar, eindigt met een mooi kapitaal. Wie wacht of in cash blijft, eindigt in de problematische armoede die straks de Belgische demografie dreigt op te jagen.

Crypto als puur Ponzi-spel ▶ 1:01:49

De scherpste afgrenzing van het gesprek is wanneer cryptomunten ter sprake komen.

“Voor mij zijn crypto's puur crimineel geld. Het is een piramidespel waar je gewoon anderen moet bij betrekken om af te geraken van wat je zelf belegt. Er is niks onderliggend, het is puur wind.“

Hij maakt onderscheid voor een handvol crypto met effectieve toepassing zoals Ethereum, maar voor het overgrote merendeel is zijn oordeel hard. Voor Van Dessel is de cryptomarkt het tegenovergestelde van wat een aandelenmarkt zou moeten zijn: geen onderliggende waarde, geen productie, geen toekomstige cashflow. De toevoeging van crypto aan de meerwaardebelasting van België vindt hij bovendien hilarisch: zelfs als de overheid hem fiscaal zou willen pakken, herkent ze geen enkele Belgische cryptobeurs of-bemiddelaar als officieel.

Het bel20-debacle van 2000 als waarschuwing ▶ 1:05:40

Een Belgische beleidsanekdote die Van Dessel ontwapenend graag deelt om de invloed van politiek op markten te illustreren.

“Een minister van Financiën heeft een grote persconferentie georganiseerd om de bel20 te redden, omdat de NASDAQ steeg met duizend punten per maand en onze bedrijven worden gewoon aan de kant geschoven.“

Wat als een lokaal probleem werd aangevoeld, werd plots wereldwijd nieuws door de bombastische pose van een Belgisch minister.

“Resultaat: bel20 minus vijftien procent. Het is heel komiek hoe men volledig verkeerd de markten kan inschatten. Ook in beleggen is vertrouwen.“

Voor Van Dessel zat hier een fundamentele les in: een marktautoriteit weet wanneer niet te interveniëren. Wie probeert het sentiment artificieel op te tillen, krijgt het tegendeel als terugbetaling. Het is een verhaal dat hij niet opbrengt om wraak te nemen, maar als illustratie van wat een goede beurs nodig heeft: stille discipline en geduldig wachten op fundamenten in plaats van rookgordijnen.

Wat de Vlaamse Federatie van Beleggers eigenlijk doet ▶ 52:28

Sinds zijn pensioen is Van Dessel voorzitter van de VFB, een organisatie die misschien minder bekend is dan haar opdracht zou verdienen.

“De eerste taak is opvoeding: mensen helpen om te starten met beleggen, om beleggen te begrijpen. Maar ook rechtstreekse communicatie met de bedrijven.“

De VFB organiseert jaarlijks Happenings waar particuliere beleggers de CEO van Argenx kunnen aanspreken, ongeacht of ze honderd of honderdduizend euro beleggen. Daarnaast wil Van Dessel de organisatie uitbreiden naar Franstalig België en het politiek lobbywerk versterken: voor werknemersparticipatie, tegen overgereglementering, tegen meerwaardebelasting die enkel particuliere beleggers ontmoedigt. Een opdracht die, in zijn eigen woorden, hem ook na zijn pensioen ver weg houdt van een rustige cocktail in een tuinstoel.