Het is een doordeweekse decemberavond in De Melkerij in Brasschaat. Geen whisky deze keer, en bij Discours Met De Boys is dat een statement op zich. “We hebben vandaag een Onthou,“ klinkt het rond de tafel, en het glas met chinge waar de podcast zijn ritme aan ontleent maakt plaats voor iets bescheidener. De gast is dan ook de jongste in lange tijd. Hannes Heynderickx, 26 jaar, sinds drie jaar Chef Politiek bij Het Nieuwsblad, stapt binnen met de rust van iemand die al vijf jaar in de mediawereld zit en weet dat zijn leeftijd telkens als eerste vraag op tafel komt.

Hij begint met die opmerking voor te zijn. Heynderickx zegt dat hij begon te werken op zijn 21ste, dat een leidinggevende rol in de media na een paar jaar niet uitzonderlijk is, en dat de titel van zijn functie misschien ook gewoon overschat wordt. Het is geen valse bescheidenheid, het is de manier waarop hij naar zijn vak kijkt: een team van vier politieke journalisten dat hij aanstuurt, waarbinnen hij beslist welke stukken er gemaakt worden, wie er wordt geinterviewd, hoe de teksten worden nagelezen. Niets meer, niets minder. De grote dromen, zegt hij, zitten niet in doorgroeien naar hoofdredactie, maar in beter worden als politiek journalist zelf.

Wanneer een politicus tegen een combi plast, is dat dan nieuws? ▶ 3:04

De vraag komt halverwege het eerste blok en is alles behalve hypothetisch. Vincent Van Quickenborne, toen minister van Justitie, plaste op een feestje tegen een combi. De redactie van Het Nieuwsblad zat in een pittige interne discussie. Heynderickx legt uit hoe zo'n beslissing tot stand komt.

“Wij zijn aan populaire kant altijd wel voor pittige discussies. Het was op onze redactie wel echt een discussie. Onze cel gerechtelijke journalistiek was op die case gestoten, en dan wordt overlegd: kunnen we dat eigenlijk brengen?“

De afweging klinkt eenvoudiger dan ze is. Een doodgewone burger die iets gelijkaardigs doet, haalt geen krant. Maar een minister van Justitie die continu zegt dat hij wil instaan voor de politie, draagt een voorbeeldfunctie. Heynderickx beschrijft dat het een soort discussies zijn die op de redactie gevoerd moeten worden, niet binnen drie minuten op een chatkanaal. Uiteindelijk publiceerden de gerechtsjournalisten het verhaal. “Volgens jullie definitie is dat dan politiek nieuws of toch niet?“ werpt host Eli op, en hij krijgt een eerlijk antwoord terug: het is een grijze zone, en daar is de discussie net zo waardevol als de uitkomst.

"Ik ben absoluut niet neutraal" ▶ 6:09

De vraag of journalisten neutraal zijn, brandt elke keer opnieuw op het gesprek. Heynderickx maakt onmiddellijk een onderscheid dat in zijn vak zelden zo helder verwoord wordt. Objectief, neutraal en onpartijdig zijn drie verschillende dingen, en hij verwerpt de eerste twee zonder aarzelen.

“Ik kan van mezelf zeggen, met de hand op het hart: ik ben absoluut niet neutraal. Niet gewoon niet. Als het aankomt op mensenrechten ben ik Pro mensenrechten. Ik ben voorstander van een liberale democratie. We kunnen perfect debatteren over hoe dat we dat invullen, maar ook op dat vlak ben ik niet neutraal.“

Het ultieme streefdoel, zegt hij, is onpartijdigheid. En dat is iets wezenlijk anders. Onpartijdig zijn betekent niet kiezen voor een partij, niet automatisch volgen wat Vooruit zegt of wat N-VA verkondigt, ook al heb je daar als journalist intuïtieve voorkeuren bij. Hij geeft toe dat de redactie streeft naar een mix van profielen, mensen uit een stad, mensen van het platteland, juist omdat de illusie van volledige objectiviteit niet houdbaar is. Host Robi duwt door op het idee van mensenrechten als ultieme waarde. Want wat zijn mensenrechten dan precies, en wat als je ze zo ver oprekt dat ze betwistbaar worden? Heynderickx erkent het ongemak. “Het is net vaak in die grijze zone dat het heel interessant wordt.“

Vier journalisten die samen een puzzel leggen ▶ 8:28

Wanneer Eli de vraag opwerpt of een journalist niet per ongeluk meer aansluiting zoekt bij de partijen die dichter bij zijn eigen wereldbeeld liggen, geeft Heynderickx een antwoord dat zelden zo openlijk klinkt. Ja, zegt hij, dat gebeurt. Hij heeft persoonlijk meer bronnen bij sommige partijen, voelt op persoonlijk vlak meer aansluiting bij bepaalde politici, en die zullen hem dingen vertellen die ze tegen anderen niet zeggen.

“Sommige andere journalisten op onze redactie hebben ingang bij een compleet andere partij. Wij met ons vier kunnen die puzzel zo samenleggen. Stel dat een brug opblaast met een bepaalde partij, wat in mijn carriere al gebeurd is, dan heb je gewoon geen informatie meer. Dan kijkt je veel eenzijdiger.“

De job van een chef politiek is dan ook een vorm van controle. Wanneer een journalist stelt dat een politicus is “ontploft“ in een vergadering, gaat hij navragen waar dat woord vandaan komt. Hij verwijst naar de discussie van vorig jaar tussen Frank Vandenbroucke en Vincent Van Quickenborne in de kern, waar volgens sommigen een vechtpartij plaatsvond, volgens anderen alleen een hand op de schouder en een verzoek om terug aan tafel te komen. “Dan moet je rondbellen, vragen aan mensen die er zaten,“ zegt Heynderickx, en als je het toch publiceert, doe je het met een bron die expliciet wordt benoemd. Niet “ze hebben gevochten en dit is de waarheid punt“, maar volgens partij X dit, volgens partij Y dat. Daar zit de objectiviteit, niet in een neutrale formulering.

De personencultus en het klikbaar maken van politiek ▶ 15:27

Klikcijfers spelen mee. Heynderickx ontkent het niet en blijft tegelijk onverbiddelijk in zijn eigen positie.

“Een stuk over Bart De Wever, over Conner Rousseau, over Tom Van Grieken: dat wordt uiteraard meer geklikt dan een stuk over wie de nieuwe voorzitter van Groen wordt. Er is niemand die die mensen kent. Maar dat wil niet zeggen dat we elke dag over hen een stuk moeten maken.“

Hij wordt zelf niet gebenchmarkt op KPI's, maar de redactie wel. Sommige collega's houden zich uitsluitend met die cijfers bezig en opperen graag personenstukken. Hij beschouwt het als zijn plicht om daar tegenin te gaan wanneer inhoud belangrijker is. Tegelijk geeft hij toe dat de versnelling van het nieuws door sociale media de klassieke media onder druk zet, dat conflict en sensatie werken, en dat dit een gevaar is. “Allez, ik ben hier niet de woordvoerder van Het Nieuwsblad,“ zegt hij ergens, alsof hij even wil onderstrepen dat dit zijn eigen lezing is en niet het bedrijfsverhaal.

Dan komt de gedachte-experimentvraag van Robi. Stel dat je alle politici zou anonimiseren. Hoe zou een politiek landschap er dan uitzien? Heynderickx aarzelt geen seconde.

“Dan valt die sensatie ook ineens weg en dan gaat het eigenlijk echt over de inhoud. Ik denk dat dat een interessant deel is.“

Hij voegt er onmiddellijk de tegenkant aan toe. Politiek is niet enkel inhoud maken, maar ook draagvlak creeren. Daarvoor heb je politici nodig die het kunnen uitleggen, en daarvoor heb je gezichten nodig. De volledige anonimisering zou ook tot blind volgen van een leiderfiguur kunnen leiden, want mensen schakelen het kritische zelf nadenken makkelijk uit als de boodschap van iemand komt die ze sympathiek vinden. Het is geen pleidooi, het is het articuleren van een paradox.

De stemtest en de Bijbel van 750 pagina's ▶ 20:50

Het gesprek schuift naar een concrete case: Voor U, de partij die Els Ampe oprichtte en die niet werd opgenomen in de stemtest die Het Nieuwsblad samen met VRT en De Standaard maakte. De zaak ging tot een rechtszaak. Heynderickx legt uit waarom.

“Het partijprogramma was op dat moment totaal niet volledig. Dat was echt een aantal blaadjes papier. We konden gewoon letterlijk het aantal standpunten dat we wilden weergeven niet matchen met wat zij geschreven hadden.“

Robi knikt en pareert direct: hij is zelf eens een aantal partijwebsites gaan bekijken en concludeert dat de programma's groter zijn dan de Bijbel. Onmogelijk om door te bladeren. Misschien moeten we durven teruggaan naar tien geboden, oppert hij. Heynderickx volgt het dilemma. De PS heeft een programma van 750 pagina's. Wie dat compleet leest voor hij gaat stemmen, is een ultra-minderheid. Tegelijk wil hij de stemtest niet wegcijferen tot drie stellingen. De Het Nieuwsblad-aanpak was een trapjesmodel: een toegankelijke stemtest, daarachter een accordion met per partij de tien belangrijkste agendapunten per thema, en daarachter het volledige programma. Wie wil verdiepen, kan verdiepen. Wie alleen een Toff persoon op tv zag, krijgt op zijn minst een glimp van inhoudelijke verschillen mee.

Waarom een stemmer zijn eigen volksvertegenwoordiger niet kent ▶ 33:01

Het diepste pleidooi van het gesprek komt onverwacht. Heynderickx vraagt aan de hosts om in hun omgeving rond te vragen wie de volksvertegenwoordiger is van iemand die op Groen heeft gestemd in Oost-Vlaanderen. Het antwoord, weet hij, is bijna altijd hetzelfde.

“Er is bijna geen kat die dat weet. Je weet op welke partij je hebt gestemd, maar wie die persoon vertegenwoordigt in het parlement, geen idee. Dat is op zich al een heel groot probleem.“

Hij vindt dat we daar als samenleving supergoed moeten over nadenken. Hervorming van het kiessysteem, meer directe democratie, een combinatie. Hij blijft daarbij zelf op zoek, want het is niet eenvoudig op te lossen. Maar hij wijst expliciet naar het Duitse model als interessant referentiepunt: elke burger heeft twee stemmen. De ene gaat naar een vertegenwoordiger in een kleine omschrijving, gemeenteniveau of iets groter, waardoor de afstand tot de burger klein is. De tweede stem gaat naar een proportionele lijst, zodat de veelheid aan meningen behouden blijft. Bij ons is die lokale link ooit afgeschaft door de PS-regering, herinnert hij zich, omdat zij grote kopstukken hadden die ze over het hele grondgebied via tv wilden uitspelen. “Die sterke link met de volksvertegenwoordiger is op die manier gewoon uitgegaan,“ zegt hij.

De accountability is laag. Niet de rechtsstatelijke, dat is niet zijn punt. De persoonlijke. De parlementair die je niet kent, die je niet kan aanspreken op zijn beleid, voelt niet als een vertegenwoordiger. “De democratie is af, we mogen niet meer aanraken,“ zegt hij over de impliciete houding die hij overal voelt. Hij beschouwt dat als een fundamenteel probleem. Pro liberale democratie zijn betekent niet dat je de vorm ervan niet mag herzien.

Gent als experiment, Zwitserland als verleiding ▶ 39:09

Hij is vragender dan stellig wanneer het over directe democratie gaat. Zwitserland werkt, zegt hij, maar of dat zomaar bij ons werkt is een andere vraag. Daar speelt cultuur mee. Hij verwijst naar het participatietraject in Gent over wijkmobiliteitsplannen, waar uiteindelijk iets anders werd beslist dan de bevolking initieel aangaf. “Het kan ook te laagdrempelig zijn,“ geeft hij toe. Maar de Groenen werden in Gent niet afgestraft, dus blijkbaar kan een beslissing met participatie gevoerd worden zolang ze goed wordt uitgelegd. Hij vindt dat we te weinig experimenteren.

“De democratie is af, we mogen niet meer aanraken. Dat vind ik echt een fundamenteel probleem. Ik ben Pro liberale democratie, maar dat wil niet zeggen dat het een vaststaand feit is.“

Het cordon sanitair en de Ranst-test ▶ 41:27

Het wordt scherper wanneer de hosts inzoomen op het cordon sanitair. Heynderickx is tegen het cordon als principieel papier. Als Vlaams Belang zou veranderen tot een partij waar bepaalde standpunten verdwenen zijn die in strijd zijn met de Grondwet, dan is het zinloos om vast te houden aan het verbod. Hij volgt op dat punt Sammy Mahdi, die zegt dat het cordon iets uit een vorige generatie is, en dat de huidige weigering tot samenwerken moet steunen op hoe Vlaams Belang vandaag werkt.

Maar dan komt de praktijktest. Robi vraagt: moeten lokale Open Vld of CD&V mandatarissen die met Vlaams Belang in zee gaan uit hun partij gezet worden? Heynderickx staat hier minder vast op zijn lijn. Hij verwijst naar Ranst, waar de Vlaams Belang-schepen liet weten dat een asielcentrum eigenlijk geen probleem was, en dat die mensen zelfs nodig waren voor de lokale economie. Wie dat als mandataris uitvoert, heeft volgens hem zijn eigen partijprogramma niet goed gelezen. Maar de partijvoorzitter die geconfronteerd wordt met lokale leden die de nationale partijlijn ondermijnen, zit in een echt dilemma. Tom Van Grieken zal volgens Heynderickx proberen de nationale lijn op het lokale niveau door te duwen.

Robi pusht door. Heynderickx noemt het terugfluiten van lokale mandatarissen door de partijvoorzitter een vorm van dictatorische lijn, en daar volgt hij niet helemaal mee. Want een partij is een individu en een ideologie tegelijk. “Sorry, ik ben het er niet mee eens, maar je mocht perfect uw eigen partij oprichten,“ werpt Heynderickx tegen. Hij neemt zijn voetbalclub-vergelijking erbij: als je voorzitter bent van een club die elke zaterdag voetbalt en een speler komt aan met een basketbal, mag die speler perfect basketten, maar dan op het terrein ernaast.

Ninove, Conner Rousseau en de schaamteloze pragmatiek ▶ 46:06

Het gesprek glijdt naar Ninove, waar Guido D'haeseleer met Forza Ninove een absolute meerderheid haalde. Heynderickx vindt het fascinerend dat er nu plots een Play 4-serie over Ninove komt. Hij ontkent niet dat de schepenen er via Democratische verkiezingen kwamen, en dat ze geen strobreed in de weg gelegd worden. Maar het zijn de figuren rond Conner Rousseau die zijn echte ergernis triggeren.

“Hij heeft zelf gezegd dat hij op een paal moment overtuigd was om met N-VA samen te gaan, net door dat de financien moeilijker lagen. Dat is gewoon clientelisme, maar dan op politiek niveau. Ik vind dat dat echt niet kan.“

Hij ziet weinig verschil met de Brusselse PS, die volgens hem ook gewoon clientelisme bedrijft. Het netwerk rond Conner Rousseau, zegt hij, sluit qua normen en waarden vaak dichter aan bij Vlaams Belang dan bij Vooruit zelf. Maar het gaat hem hier niet om partijbelang. Het gaat om de transparantie van een mandataris die zijn echte beweegredenen verbergt.

Esthetisch afwijkende levenskeuzes en de podcast met Tom Van Grieken ▶ 49:58

Hij vertelt een anekdote uit de campagne. Hij deed zelf een podcast met Tom Van Grieken en stelde gerichte vragen op basis van het partijprogramma. Tom Van Grieken bleek niet altijd te weten wat erin stond. Heynderickx haalde het document erbij en confronteerde hem met een passage geschreven door Tom Van Hendrie, een van de hardliners binnen Vlaams Belang.

“Hij had het over mensen met esthetisch afwijkende levenskeuzes. Ik vroeg: wat is dat? Hij zei: in Australie heb je de reptielman met heel veel tattoos. En dan denk ik: wat wil je precies met die mensen doen?“

Het illustreert iets wat Heynderickx eerder al naar voor schoof. Een partij is een mini-samenleving, met gematigden, hardliners, opportunisten. Wie zegt dat een lokale Vlaams Belang-mandataris altijd voor de hardste lijn staat, vereenvoudigt. Wie omgekeerd doet alsof de partij geen reele extremen kent, doet net zo goed aan onderschatting.

De Europese blinde vlek ▶ 54:35

De scherpste zelfkritiek van het gesprek komt over Europa. Robi formuleert het als een beschuldiging: de Vlaamse media presteren slecht in het brengen van het Europese niveau, terwijl daar steeds meer wordt beslist dat hier moet uitgevoerd worden. Heynderickx neemt de kritiek volledig op zich.

“Ik denk dat er op Vlaamse redacties veel te weinig aandacht is voor dat Europese niveau. Het duurt ook wel echt heel lang eer dat je de Europese politiek op een deftige manier kunt vatten. Daar zit je 20 jaar mee bezig.“

Hij wijst naar Hendrik Vos als specialist die het Europese parlement op de voet volgt en die door de redactie wordt gebeld als experte. Wat ze bij binnenlandse politiek nooit zouden doen, het opbellen van een externe expert om duiding te krijgen, is bij Europa de norm. “Je moet eigenlijk uw eigen informatie outsourcen,“ zegt hij, en hij voelt onmiddellijk de pijnlijke implicatie. De afstand met het Europese niveau is zo groot dat een redactie die zich serieus neemt zichzelf moet bekennen dat ze er niet thuis is. Hij bestempelt natuurherstelwet en stikstofregels als de momenten waarop redacties pas in actie schieten, namelijk wanneer Europese beslissingen lokaal moeten worden geimplementeerd. Tegen die tijd zit het besluitvormingsproces er al op.

Hij ziet wel een shift. Defensie en klimaat duwen Europa terug op de voorpagina. Mark Rutte als NAVO-voorzitter, een Europese Commissie die een defensiestrategie uitwerkt: dat zijn topics die de afstand verkleinen. Maar de onderliggende vraag, hoe je een europeaan het gevoel geeft vertegenwoordigd te zijn op een niveau dat hem niet bekend is, blijft open. Heynderickx pleit voor TikTok als opstap. Een populair medium dat in 15 seconden uitlegt wie de nieuwe Europese Commissaris is. Vanuit de TikTok ga je naar een artikel, vanuit het artikel naar fracties en achtergronden. Het is niet hyperpragmatisch, het is gewoon meegaan met hoe een nieuwe generatie informatie tot zich neemt.

Geen disclaimer? Geen overstap. ▶ 1:06:52

Het laatste blok gaat over journalisten die overstappen naar de politiek, en omgekeerd. Heynderickx is op dat punt principieel.

“Een journalist die politiek gaat, of een politicus die journalist wordt: ik vind dat moeilijk. Niet als persoon, maar als fenomeen. Plots heb je het gevoel: oh nee, moet ik nu die berichtgeving anders lezen? Ik had graag een disclaimer gehad.“

Op Het Nieuwsblad is dat ook een redactionele lijn. Wie in een partij heeft gezeten, komt niet op de politieke redactie terecht. Punt aan de lijn. Hij sluit voor zichzelf in het huidige partijpolitieke landschap een overstap uit, maar nuanceert dat hij Life happens niet helemaal kan voorspellen. Mocht binnen 20 jaar iemand aan de deur kloppen die exact denkt zoals hij, met een nieuw partijprogramma, sluit hij niets categorisch uit.

Hij eindigt waar hij begon. Zijn droomjob is politiek journalist zijn, niet doorgroeien naar hoofdredactie of partijpolitiek. Hij verwijst naar Rik Van Cauwelaert, 74 jaar, met de bagage van zoveel regeringen achter de kiezen, als een figuur waarvan hij wenst de inhoudelijke diepgang te bereiken. Beter worden in een vak waar de versnelling van het nieuws het inhoudelijke werk steeds harder onder druk zet. Op het einde van de avond, met het glas op tafel en het gespreksthema afgerond, lijkt dat een nuchtere ambitie. En precies dat is wat Discours zoekt: niet de hardste mening, maar de bereidheid tot dialoog en de bekentenis dat een redactie van vier mensen probeert om in een land vol grendels en personencultussen zo onpartijdig mogelijk te kijken. Degelijkheid en dialoog. Heynderickx levert er een rustige, scherpe variant van.