De spelregels deugen niet: Kristof Calvo over de particratie die zichzelf heeft overleefd

In De Melkerij in Brasschaat hangt de geur van rum en rode wijn. Kristof Calvo, voormalig fractievoorzitter van Groen en vandaag nog Kamerlid, schuift aan met een boek onder de arm en een beslissing in de achterzak: hij gaat niet meer mee naar de volgende verkiezingen. Het maakt hem vrijer in zijn analyses, zegt hij zelf. Vrijer om te zeggen wat hij denkt over het politieke systeem waarin hij veertien jaar lang opereerde, en dat hij nu omschrijft als een particratie die is verworden tot spektakel. Een systeem dat noch stabiliteit brengt, noch echte vrijheid toelaat. Het slechtste van twee werelden.

Calvo's boek Staat van vertrouwen is geen klassiek verkiezingsboek. Geen zelfpromotie, geen belofte dat na hem alle problemen opgelost zijn. Het is een poging tot diagnose, geschreven met de twijfel van iemand die zelf deel uitmaakte van wat hij nu bekritiseert. “Het grootste compliment dat ik krijg,“ zegt hij, “is dat mensen zeggen: dit is geen klassiek verkiezingsboek.“

De timing van zijn vertrek uit de nationale politiek is geen toeval. Pas toen hij besliste niet meer kandidaat te zijn voor de Kamer, kon hij écht schrijven. Het boek heeft drie versies gekend. De eerste poging, kort na de verkiezingen van 2019, was “eigenlijk meer een pamflet om mezelf goed te praten. Ik ben blij dat ik dat niet uitgebracht heb.“ De tweede poging tijdens corona liep vast. De derde poging, vorige zomer, slaagde. Waarom? “Ik had voor mezelf ook beslist om niet opnieuw kandidaat te zijn voor de kamer. Dan ben je ook wat vrijer in je analyses.“

"Wij subsidiëren met belastingsgeld zenuwachtigheid, slogans en polarisatie" ▶ 0:00

Het gesprek begint waar het voor veel burgers eindigt: bij het geld. Partijfinanciering, campagnebudgetten, de waanzin van uitgaven buiten de officiële campagnetijd. Calvo trekt een grimas. “Er wordt gigantisch veel geld uitgegeven aan campagnes op het moment dat geen campagne is. In de campagnetijd heb je een plafond, maar buiten campagnetijd mag je zoveel uitgeven als je wilt. Dat is echt een Belgisch en vooral Vlaams fenomeen.“

“Wij subsidiëren met belastingsgeld zenuwachtigheid, slogans en polarisatie.“

Hij mikt vooral op de sociale media-uitgaven. “Waanzin,“ zegt hij. Het publieke geld dat naar partijen vloeit, verdwijnt in advertenties, in volume, in polarisatie. Niet in inhoud, niet in dialoog. De hosts knikken, maar geven ook tegengas. Ze vinden dat partijfinanciering wel degelijk belangrijk is als kerntaak, als voorwaarde voor een eerlijk speelveld. Calvo erkent dat. “Ik zeg niet dat politici niet meer op sociale media moeten zitten. Ik zeg alleen dat we publiek geld – want daar gaat het over – denk ik dat andere besparingen mogelijk zijn. Excessen ben ik het mee eens.“

En dan is er de bredere cultuur: politici die tijdens plenaire vergaderingen aan het scrollen zijn op hun gsm. “Iedereen zit aan het scrollen. Ik vind dat gewoon super onbeleefd. Die zijn tegen betaling om de burger te dienen.“ Calvo heeft zelf op een gegeven moment alle apps van zijn telefoon gegooid, behalve Instagram. Twitter doet hij alleen nog op computer. “De energie die sociale media opeist... dat is de horizon geworden, de smartphone.“

“Heel veel politici zijn echt geobsedeerd door hun scherm. Dat is hun horizon geworden, de smartphone.“

De hosts opperen dat gsm's en laptops misschien helemaal uit het parlement moeten. Calvo nuanceert: het gaat niet om een totaalverbod, maar om de mate waarin politici hun aandacht erbij houden. “Minder dan 15 procent van je totale tijd daar gespendeerd op je gsm of laptop,“ stelt een van de hosts voor. Calvo knikt. Het belangrijkste is dat het debat en de aandacht voor de essentie terugkeren.

Particratie als spektakel: instabiliteit zonder vernieuwing ▶ 5:09

Particratie is een oud fenomeen in de Belgische politiek. Maar Calvo beschrijft een nieuwe fase waarin de particratie is verworden tot spektakel. “Het is een nieuwe vorm waarin voorzitters zich met alles moeien maar tegelijk niet meer zorgen voor stabiliteit. Het is het slechtste van twee werelden.“

Vroeger was de belofte van de particratie helder: wij houden het land bij elkaar, wij zorgen voor stabiliteit. Zonder ons bundelen van krachten zou elk parlementslid een eigen onvoorspelbare mening hebben en zouden we rechtstreeks de afgrond in gaan. Dat argument is vandaag hol, zegt Calvo. “Ze zorgt ook niet meer voor stabiliteit. In tegendeel. Ze is een bron van spektakel, instabiliteit, ruzie.“

Hij gebruikt Nederland als contrast. Daar staat het parlement veel sterker. De nummer één politicus van een partij is fractievoorzitter in de Tweede Kamer of vicepremier, niet gewoon iemand die op Twitter zit. “Daar valt het partijleiderschap samen met de parlementaire democratie.“ In België daarentegen: partijvoorzitters die constant in studio's zitten, maar niet met elkaar in debat gaan. Calvo geeft een concreet voorbeeld: “Je hebt een gesprek met De Wever, en dan zit Tom Van Grieken al klaar voor het volgende gesprek en die zit gewoon wat koppen te trekken. Ze willen niet met elkaar in debat.“

“De particratie is verworden tot spektakel. Voorzitters moeien zich met alles maar zorgen niet meer voor stabiliteit. Het is het slechtste van twee werelden.“

En ondertussen? “Je voelt wel dat veel mensen die met een goede bedoeling de politiek instaan zich een stukje worden neergemaaid door het systeem. Het is een heel hardnekkig systeem.“

De Vivaldi-regering had nochtans beloofd het anders aan te pakken, zegt Calvo. “Dat is soms gelukt maar vaak ook niet.“ Hij had graag gezien dat de regering assertiever was geweest tegenover partijvoorzitters. “Die had af en toe tegen partijen moeten zeggen van: jongens sorry, wij zijn baas. Te braaf,“ vindt Calvo.

Waarom parlementsleden niet vrij mogen stemmen ▶ 7:17

Een van de meest schrijnende passages in het gesprek gaat over iets dat eigenlijk vanzelfsprekend zou moeten zijn: de vrijheid van een volksvertegenwoordiger om af en toe een afwijkende mening te hebben. Calvo pleit ervoor. “Het zou eigenlijk perfect moeten kunnen dat je als parlementslid af en toe een andere afwijkende mening hebt. Dat is gezond. Alleen wordt dat nu uitgevochten in de partij in achterkamertjes zonder publiek, zonder camera's.“

Zelf heeft Calvo dat ook ervaren. “Het is soms ook wel echt moeilijk geweest voor mezelf de afgelopen jaren. Men maakt mij door politieke tegenstanders al snel als een soort van ruziemaker geportretteerd. Terwijl politiek ideënstrijd is. Die ideënstrijd moet een plek hebben, moet tijd krijgen, moet energie krijgen. De plek bij uitstek daarvoor is het parlement.“

“Iedereen doet stoer, iedereen maakt meer volume, het gaat altijd maar sneller en de plek waar de vrijheid het grootste zou moeten zijn – het parlement – die wordt het meest van al gedisciplineerd.“

Waarom bestaat die cultuur van strakke partijdiscipline nog steeds? “Voor een stuk is het cultuur,“ erkent Calvo. “Er is geen enkele wet die een parlementslid verbiedt om afwijkend te stemmen. Toch zijn er heel veel geschreven en ongeschreven spelregels die dat beïnvloeden.“ Eén van die spelregels: de manier waarop lijsten worden samengesteld. Een vrij gesloten politiek systeem maakt dat wie uit de gratie valt in de eigen partij, als dissident wordt beschouwd in plaats van als kracht.

En dan is er de media. Calvo wil daar niet té veel in vluchten – media-kritiek van politici komt vaak van politici die niet hard genoeg werken, zegt hij zelf – maar de dynamiek is er wel. “Meningsverschil wordt heel snel afgeschilderd als ruzie. Een partij die geconfronteerd wordt met verschillende meningen is al heel snel een slapjanus.“ Ook dat maakt dat parlementsleden zich minder vrij voelen om de ideënstrijd te voeren.

Een voorstel dat hij concrete vorm geeft: partijoverschrijdend stemmen, het panacheren. In het huidige kiessysteem mag je voor meerdere kandidaten op één lijst stemmen, maar niet voor kandidaten op verschillende lijsten. Dat dwingt politici om hun inhoudelijke buren als concurrenten te zien. “Ik werd verplicht om de verschillen uit te vergroten met Yasmine Kherbache, Bart Somers, Willem-Frederik Schiltz. Terwijl dat mensen zijn waar ik 80 of 90 procent van de weg samen kan en wil afleggen.“

“Politiek is ideënstrijd. Die ideënstrijd moet een plek hebben, moet tijd krijgen, moet energie krijgen. De plek bij uitstek daarvoor is het parlement.“

Een ander voorstel dat Calvo formuleert: gesloten werkvergaderingen. Niet in plaats van openbare debatten, maar naast. “Ik ben ook voorstander van dat het parlement af en toe gewoon klassieke werkvergaderingen zou hebben zonder livestream zonder open deuren. Soms is politiek theater, en dat mag theater zijn. Maar je moet ook een rustige serene plek hebben gewoon om ons werk goed te organiseren.“

Er is een verschil tussen een openbaar debat en een werkvergadering, benadrukt hij. Nu zijn er wel vaak gesloten vergaderingen, maar dat is dan tussen de meerderheid, of binnen fracties. “Terwijl ik denk dat er af en toe ook een rustige serene plek moet zijn tussen meerheid en oppositie, gewoon om ons werk goed te organiseren.“

Calvo's pleidooi voor meer vrijheid gaat ook verder: hij wil beknoptere regeerakkoorden. “Regeerakkoorden zijn een beetje een karcan. Dat zet je samenleving en je politiek ook voor een aantal jaren vast. Terwijl op vijf jaar tijd er enorm veel gebeurt.“

40.000 stemmen en toch niet in de regering ▶ 30:58

Calvo's eigen ervaring in 2019 tekent de absurditeit van het systeem. Hij had 40.000 voorkeurstemmen gehaald. Niet genoeg voor een ministerpost, maar wel genoeg om te beseffen hoe scheef de verhoudingen liggen. “Ik raak niet in de regering, en binnen de kortste keren moet je in de pas lopen van mensen die niet de moeite gedaan hebben om klappen te krijgen in een kiescampagne.“

Hij somt op: minister van Binnenlandse Zaken, staatssecretaris Asiel en Migratie, minister van Buitenlandse Zaken, minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid. “Niet verkozen. Niet via de kiezer gepasseerd.“ En dat, zegt Calvo, terwijl ze wel een heel belangrijke politieke rol hebben en grote budgetten beheren.

“Heel veel van de mensen met een sleutelrol in de federale regering zijn niet via de kiezer gepasseerd. Minister van Binnenlandse Zaken, Asiel en Migratie, Buitenlandse Zaken, Sociale Zaken – niet verkozen.“

Hij ziet twee routes: ofwel hebben ministers minder te zeggen en hoeven ze niet verkozen te worden – een meer technocratische rol. Ofwel blijven ze in de buurt van hun huidige macht en moeten ze via de kiezer passeren. “Als je uitrekent hoeveel procent van de begroting in handen is van een minister die verkozen is... dat gaat echt een heel klein aandeel zijn.“

De frustratie is tastbaar. Een kiescampagne is niet niks, zegt Calvo. “Dat is pittig. Ik was een aantal kilo afgevallen na de laatste campagne.“

Een van de hosts werpt op dat niet-verkozen ministers misschien juist technocratischer zijn, minder assertief. Calvo schudt zijn hoofd. “Kijk naar de federale regering. De sleutelfiguren – Binnenlandse Zaken, Asiel en Migratie, Buitenlandse Zaken, Sociale Zaken – niet via de kiezer gepasseerd. En dat zijn geen bedeesde technocraten.“

Blanco stemmen en de partijoverschrijdende stem ▶ 26:53

Een van de concretere voorstellen uit Calvo's boek: blanco stemmen vertalen in lege zetels. “Iemand die de inspanning doet om naar het kieslokaal te stappen en zegt 'ik herken mij niet in het aanbod', dat is een politiek signaal. Blanco stemmen zouden moeten vertaald worden in zetels.“

De hosts reageren alert. Een van hen werkt het verder uit: politieke partijen moeten het met 100 procent van alle stemmen doen, dus als er 20 procent blanco stemt, moeten ze het met 80 procent doen om hun meerderheid te vinden. Calvo reageert aarzelend. “Ik weet niet...“ Hij erkent het signaal, maar de uitwerking blijft voor hem open. “Dan moet je wel de meerderheden zoeken binnen de ingevulde zetels, maar bon, dat is uitvoering. Ik ben het eens met je analyse van het gevaar, en toch denk ik: ze moeten het maar eens voelen.“

De hosts lachen, maar het punt is gemaakt. Blanco stemmen zijn nu gewoon verdwenen in de statistieken. Calvo wil daar verandering in brengen. “Lege zetels is ook al een enorme straf en een duidelijk signaal.“

“Ik ben voorstander van de partijoverschrijdende stem. Nu word je verplicht om de verschillen uit te vergroten met je inhoudelijke buren, terwijl je 80 of 90 procent van de weg samen kan afleggen.“

Verkiezingsdag moet een groter feest worden ▶ 22:21

Calvo is een van de weinigen die verkiezingsdag vergelijkt met een festival. “Verkiezingsdag is voor een democratie wat Rock Werchter is voor de festivalzomer: het hoogtepunt, de afsluiter, een nieuw begin.“

Hij wil er meer van maken. Bijvoorbeeld door inhoudelijke vragen op het stemformulier te zetten, zoals ze in de Verenigde Staten doen. “Je zou van verkiezingsdag nog een groter feest van de democratie kunnen maken door inhoudelijke vragen op het stemformulier te zetten, zoals ze in de States doen met abortus of cannabis.“

“Je zou van verkiezingsdag nog een groter feest van de democratie kunnen maken door inhoudelijke vragen op het stemformulier te zetten.“

Hij geeft een concreet voorbeeld: elke vraag die duizend handtekeningen verzamelt voor een bepaalde datum, komt op het stemformulier. “Dat geeft richting aan het beleid. Ja, het is voornamelijk een vrijblijvende richtinggever, maar het effect is wel dat je een aantal vragen kunt pushen in de campagne vanuit de samenleving. Lieve vrienden van de wedstrijd, jullie zijn met die 10 thema's bezig maar jullie zijn een 11e en een 12e vergeten.“

En dan is er het idee van bijzitters. Vandaag wordt dat gezien als een last, als een corvee. Calvo wil het promoten. “Je zou zelfs bijna moeten zeggen: iedereen doet dat minstens één keer in zijn leven. Dat gebeurt in scholen vaak. Kiesbureaus opbouwen met kinderen en jongeren. Betrek ze erbij.“

De toetredingsdrempel is te hoog ▶ 44:54

Waarom blijft het Belgische politieke landschap zo statisch? Calvo wijst naar de hoge drempels voor nieuwe partijen. “De toetredingsdrempel in België om een politieke partij op te starten is te hoog. Partijen zijn bedrijven gericht op zelfbehoud die de markt afschermen voor nieuwe concurrenten.“

Hij trekt de vergelijking met de telecomsector of de energiemarkt. “Als je die spelregel zou doortrekken in de telekom of in de energiesector, dat zou snel gedaan zijn.“

In Nederland daarentegen heeft de Partij voor de Dieren, ondanks het feit dat ze geen ambitie hebben om te besturen, enorme impact gehad. “Die hebben de Nederlandse politiek op vlak van klimaat, energie, stikstof echt doen opschuiven.“ Volt doet hetzelfde, vanuit een pro-Europese hoek. “Nederland heeft instabiliteit met vernieuwing. Wij hebben instabiliteit zonder vernieuwing.“

“Nederland heeft beweging op de flanken door een laag kiessysteem. De Partij voor de Dieren of Volt brengen iets in zonder de ambitie te hebben om te besturen. Dat is instabiliteit met vernieuwing. Wij hebben instabiliteit zonder vernieuwing.“

Calvo pleit voor een lager kiessysteem, een nationale kieskring, meer ruimte voor kleine partijen die vernieuwing brengen. “Dan kun je twee of drie grote blokken hebben, maar je hebt ook vernieuwing langs de rand. Die brengen dat venster in beweging.“

Nederland heeft nog een voordeel, zegt Calvo: het parlement staat veel sterker. Maar ook daar is het niet perfect. “Er zijn voor- en nadelen. Nederland heeft meer vrijheid voor parlementsleden, maar ook instabiliteit.“ Het is geen kwestie van Nederland beter vinden, maar van leren van wat werkt.

Lokaal bestuur en grotere gemeentes ▶ 47:33

Een thema dat Calvo bijzonder nauw aan het hart ligt: het lokale bestuur. Nederlandse gemeentes zijn veel groter, hebben veel meer schaal. In België zijn de meeste gemeentes veel te klein, zegt Calvo. “Daardoor verdwijnen ook heel veel diensten. Je moet eigenlijk opschalen om nog nabij te kunnen bieden.“

Hij maakt een vergelijking met de provincie. “Niemand kent die, dat is ook ver weg. Voelen mensen zich verbonden met de provincie Antwerpen? Weinig, denk ik.“ Het alternatief is dat Vlaanderen al die bevoegdheden pakt, maar dan zit je in Brussel, ook al vrij ver.

“Ik geloof heel sterk in lokale vertegenwoordiging. De lokale politiek kan een stuk ambitie en geborgenheid met elkaar combineren. Dat is nog een plek waar mensen ook een stuk vertrouwen kunnen krijgen. Maar dan heb je ook wel slagkracht nodig.“

“Je moet eigenlijk opschalen om nog nabij te kunnen bieden. Als je gemeentes niet groter maakt, gaan provincies alle diensten overnemen en die zijn anoniem en ver weg.“

Calvo ziet Mechelen, waar hij schepen ambieert, als een voorbeeld van die lokale ambities. “Ik hou ook van de kleine stappen, ik hou van de concrete dingen. Elke millimeter vooruitgang is een millimeter vooruitgang die je met beide handen moet grijpen.“

Maar zijn keuze voor lokaal heeft ook een andere kant. Een van de hosts vraagt: als jullie nu in de politiek zouden stappen, welk niveau? De host zelf zegt: “Ik zou ook sowieso nooit politiek doen. Ik zou ook veel meer geloven dat je dingen kunt veranderen buiten politiek dan in politiek.“ Calvo knikt instemmend. Zijn enthousiasme voor politiek is ambivalent. Hij ziet zichzelf niet als de man die het gaat fixen.

Het oude is aan het sterven, maar het nieuwe geraakt niet geboren ▶ 40:15

De sfeer wordt even zwaarder als Calvo zijn analyse van de toekomst deelt. Hij citeert de Italiaanse marxist Antonio Gramsci: “Het oude is aan het sterven maar het nieuwe geraakt nog niet geboren.“ Zo ervaart hij de huidige situatie.

“Denk je dat het nog één rondje beleid zal zijn?“ vraagt een van de hosts. Calvo aarzelt. “Het is mijn overtuiging dat dit politiek systeem, dit politieke landschap op zijn laatste benen loopt. Of het nieuwe geboren geraakt en of dat er mooier uitziet, dat is nog een vraagteken. Dat maakt mij ongelooflijk rusteloos.“

“Het oude is aan het sterven maar het nieuwe geraakt nog niet geboren. Zo ervaar ik de huidige situatie. Of het nieuwe er mooier en beter gaat uitzien, dat is ook een vraag.“

Hij is niet alleen bezorgd over wat het vandaag is, maar ook over wat er misschien in de plaats komt. Daarom sluit hij zijn boek af met een pleidooi voor een ander politiek landschap. Hij zou graag een grote progressieve volkspartij zien ontstaan, maar dan wel eentje die functioneert als een ontmoetingsplaats. “Meer openheid, nieuwsgierigheid. Een partij moet eigenlijk een beetje een mini-samenleving zijn. Daar moeten ondernemers rond de tafel zitten, moeten klimaatactivisten rond de tafel zitten, mensen in armoede, gefortuneerde mensen, mensen met migratieachtergrond, misschien mensen die wat bezorgd zijn over het tempo waarin onze samenleving verandert.“

“Ik zou graag een grote progressieve volkspartij zien ontstaan die functioneert als een ontmoetingsplaats met openheid en nieuwsgierigheid. Een partij moet eigenlijk een beetje een mini-samenleving zijn.“

De host werpt tegen dat dit klinkt als het Amerikaans tweepartijensysteem, waarin ideologieën verwaaien. Calvo countert: daarom is het belangrijk dat er ook beweging is op de flanken, zoals in Nederland. “Je moet een open systeem maken. Twee of drie grote blokken, maar ook vernieuwing langs de rand.“

Calvo erkent dat zijn visie utopisch klinkt. “Maar je moet vergezichten durven formuleren. Als politicus mag je nooit neerleggen bij wat nu al haalbaar is. Je moet er rekening mee houden, maar de kleine stapjes moet je altijd combineren met een stuk radicaliteit.“

Een euro is een euro: het debat over arbeid versus vermogen ▶ 58:49

Het gesprek verschuift naar belastingen, en hier wordt het verhit. Calvo's stelling is helder: “Voor mij is een euro een euro. Een euro huurinkomsten wordt op dezelfde manier belast als een euro arbeid.“

De hosts zijn het daar niet mee eens. Een van hen stelt dat vermogen al eens belast is, via arbeid. Waarom zou je het opnieuw belasten? Calvo schudt zijn hoofd. “Je zegt toch ook niet: iemand heeft een inkomen in januari uit arbeid, dus in februari gaan we dat dan niet belasten want hij heeft in januari al belasting op arbeid betaald.“

“Voor mij is een euro een euro. Een euro huurinkomsten wordt op dezelfde manier belast als een euro arbeid. Het meeste kapitaal komt vandaag vooral uit kapitaal, niet uit arbeid.“

De discussie escaleert even. De host: “Als ik arbeid voer, heb ik hopelijk iets over. En dan heb ik keuzevrijheid in hoe ik dat geld spendeer. De ene investeert in een appartement, de ander geeft het uit aan iets anders. Waarom zou je die investering dan opnieuw belasten?“

Calvo: “Maar er komen wel inkomsten uit voort. Ik vind dat echt een no-brainer.“ Hij maakt een analyse van de scheve verdeling van kapitaal. “De band tussen inspanning en beloning is iets waar mensen nogal aan gehecht zijn. Dat hoeft niet één op één te zijn, maar als je kijkt naar de scheve verdeling van kapitaal, dan is er wel een probleem. Iemand die zijn inkomen uit arbeid verdiend, dat is iets anders dan rentenieren, huurinkomsten, erfenissen.“

“De scheve verdeling van kapitaal en het doorgeven daarvan ontwricht onze solidaire samenleving. De band tussen inspanning en beloning is iets waar mensen nogal aan gehecht zijn.“

Hij pleit voor een verschuiving: lagere lasten op arbeid, hogere lasten op de grootste kapitaalinkomsten. Geen hogere fiscale druk in totaal, maar een andere organisatie ervan. “Mijn pleidooi is niet voor een hogere fiscale druk maar om de fiscale druk op een andere manier te organiseren.“

De hosts blijven sceptisch. Ze vrezen dat de middenklasse opnieuw het gelag betaalt. “De meeste mensen die hun woning verhuren voor een extra centje voor hun pensioen, dat is de middenklasse. Die betalen dat ook af, die hebben dat misschien zo uitgerekend.“ Calvo erkent dat punt. “Dat klopt ook niet,“ geeft hij toe. “Maar we zijn het er toch over eens dat een belasting die minder kijkt naar arbeid de beste belasting is voor lage en middeninkomens?“

Het is een meningsverschil dat niet opgelost wordt. De hosts blijven terughoudend, Calvo blijft bij zijn stelling, maar met genuanceerdere toon dan aan het begin. Hij erkent de dilemma's. “Er zijn argumenten te maken voor beide kanten.“ Het is een illustratie van hoe diep de ideologische kloven lopen, ook tussen goed bedoelende mensen die elkaar in essentie willen begrijpen.

Calvo voegt er nog een voorstel aan toe: hij is voorstander van het afschaffen van werkloosuitkering alleen voor mensen die ontslagen worden. “Vandaag als je wordt ontslagen door je baas, dan krijg je een werkloosuitkering. Als je beslist om zelf je lot in eigen handen te nemen en zegt 'Sorry maar ik zie al twee jaar tegen mijn goesting op mijn bureau maar die baas die wil dat niet zien'... ideologisch ben ik voorstander dat je ook dan recht hebt.“ Het recht om nee te zeggen, noemt hij dat.

De host blijft vasthouden aan individuele verantwoordelijkheid. “De wereld is niet uw schuld, maar het is wel uw probleem. Los het op.“ Calvo glimlacht. “Hier gaan we volgens mij elkaar niet meer vinden.“ Het is een eerlijke erkenning van een fundamenteel meningsverschil over de rol van de staat.

Een onvoorwaardelijk basisinkomen, niet universeel ▶ 1:03:45

Een van de meest radicale ideeën in Calvo's boek: een onvoorwaardelijk basisinkomen, niet universeel, maar wel onvoorwaardelijk. “Ik ben voorstander van een onvoorwaardelijk basisinkomen op de armoedegrens. Niet universeel maar wel onvoorwaardelijk. Niemand heeft een maandinkomen lager dan de armoedegrens.“

Wat is het verschil? Universeel betekent voor iedereen, altijd. Onvoorwaardelijk betekent zonder controle, zonder bureaucratie, zonder de stress van constant moeten bewijzen dat je het nodig hebt. Calvo maakt het concreet: het is getoetst op inkomen – verdien je minder dan de armoedegrens, dan wordt er bijgepast – maar niet op je geschiedenis of je gedrag. “Als mensen bijvoorbeeld leven van een leefloon, dan worden zij ook opgevolgd, gecontroleerd. Ik zou er graag voor hebben dat we die mankracht en die energie eigenlijk inzetten om mensen richting de arbeidsmarkt te brengen, niet in het controleren van mensen voor een minimaal leefloon.“

“Ik ben voorstander van een onvoorwaardelijk basisinkomen op de armoedegrens. Niet universeel maar wel onvoorwaardelijk. Niemand heeft een maandinkomen lager dan de armoedegrens.“

Verdien je meer, dan krijg je het niet. Val je zonder inkomen, dan is het er voor jou. “Stel dat je twintig jaar een goed inkomen verdiend hebt en je valt dan zonder inkomen, dan is die er voor u ook. Het is niet getoetst op basis van je geschiedenis. Het gaat echt over: niemand heeft een maandinkomen lager dan de armoedegrens.“

De hosts zijn sceptisch, vooral over de vraag of dit wel een kerntaak van de overheid is. “De wereld is niet uw schuld, maar het is wel uw probleem. Los het op,“ zegt een van hen. Het is een heldere verwoording van een andere visie op solidariteit.