China zonder westerse arrogantie: sinoloog Pascal Coppens over het land dat we nog altijd niet begrijpen
In de Melkerij in Brasschaat, waar de hosts van Discours Met De Boys hun gesprekken voeren over de grote maatschappelijke vraagstukken, schuift een man aan die twintig jaar in China heeft gewoond. Pascal Coppens, sinoloog en tech-ondernemer, bestelt geen whisky maar een rum. De sfeer is ontspannen, maar het onderwerp is complex: kunnen we China vertrouwen? Of beter: begrijpen we China überhaupt wel?
Het gesprek dat volgt, is een les in nederigheid. Coppens legt uit hoe het Westen China nog altijd bekijkt door een bril van arrogantie, terwijl China zelf al lang is gestopt met ons als meester te zien. “Wij hebben nog altijd de houding van de meester,“ zegt Coppens. “Zij hebben gestopt met de houding van de leerling.“
Waarom westerse zakenlui Chinese gasten verkeerd ontvangen ▶ 4:06
De fout begint al bij het eerste contact. Wanneer Belgische bedrijven een Chinese delegatie ontvangen, is de reflex om hen mee te nemen naar een duur restaurant. In de watten leggen, denken we dan. Maar dat mist het punt volledig.
“De fout die de meeste westerlingen doen als ze Chinese over de vloer krijgen hier in België, is dat het eerste dat ze doen een heel duur restaurant is. Ze willen die echt in de watten leggen. Maar het is die persoon waarvoor je moet geïnteresseerd zijn.“
China is een relatiemaatschappij, legt Coppens uit. Niet in de oppervlakkige betekenis van netwerken en visitekaartjes uitwisselen, maar in de diepere zin van guangxi: de banden die je met mensen opbouwt, gebaseerd op vertrouwen. Dat vertrouwen bouw je niet op met een duur menu, maar door oprechte interesse te tonen in de persoon zelf, zijn familie, zijn achtergrond.
De hosts pikken erop in: maar zijn Chinezen dan meer of minder gereserveerd dan wij? Coppens nuanceert: Chinezen zijn juist heel open, maar alleen binnen hun netwerk. Daarbuiten blijf je een buitenstaander.
“Binnen dat netwerk heb je een soort collectiviteit, alles wat daarbuiten is, is ongekend en ze willen het niet weten. Maar binnen het netwerk wordt alles gedeeld.“
Het verschil tussen Chinese guangxi en westerse professionele relaties ▶ 5:09
In België scheiden we scherp tussen professionele en persoonlijke relaties. Sterker nog: er zijn professionele relaties waar we helemaal geen zin in hebben buiten kantooruren. In China werkt dat anders. De voorkeur gaat uit naar persoonlijke banden, ook in business.
“Als ze een persoonlijke relatie kunnen opbouwen, dan hebben ze het gevoel van: ja, dit gaat vlugger gaan,“ zegt Coppens. “Je hoeft geen contracten te tekenen, je kunt heel vlug dingen gedaan krijgen, je kan erop vertrouwen dat dingen verscheept zullen worden en betaald.“
Zonder die persoonlijke band blijft er wantrouwen. Dan kijken Chinezen juist heel nauwgezet naar het contract, omdat ze zich niet zeker voelen. Het vertrekpunt is fundamenteel anders dan bij ons.
“Chinezen vertrekken van wantrouwen waarbij vertrouwen moet opgebouwd worden. Wij vertrekken vaak van een vertrouwenspositie en dan, als je dat vertrouwen schaadt, dan creëren we wantrouwen.“
Als een Chinese ambassadeur je uitnodigt bij hem thuis, bij zijn familie, dan heb je een persoonlijke relatie opgebouwd. Alle anderen die die uitnodiging niet krijgen, hebben die band niet. Het betekent niet dat er geen business gedaan kan worden, maar het is een ander niveau.
Social credit: geen Black Mirror, maar een zwarte lijst ▶ 9:29
Het Chinese social credit systeem is in het Westen misschien wel het meest begrepen en tegelijk meest misverstaan fenomeen. Coppens corrigeert hardnekkige mythes.
Wat veel mensen niet weten: het systeem is ontstaan omdat China tot voor kort geen kredietwaardigheid had. Geen centrale database die bijhield of iemand een lening kon terugbetalen. Bedrijven als Alibaba en Tencent bouwden financiële scoringsystemen, vergelijkbaar met wat wij hebben. De overheid dacht: kunnen we dit uitbreiden naar een model voor burgerzin?
Maar de uitvoering verschilt enorm van stad tot stad, en het systeem is nog niet eens nationaal uitgerold. Belangrijker nog: het werkt anders dan de westerse perceptie. Negen procent van de experimenten heeft zelfs nooit een credit score systeem gekregen, en de 91 procent van de bevolking ervaart het niet in hun dagelijks leven.
“De fout die we vaak maken is te zien dat het een score is zoals bij Black Mirror. In China is het veel meer een blacklist: je staat erop of niet.“
Je krijgt geen punten die je kan verliezen voor elke rode stoplicht. Je komt op een zwarte lijst als je bijvoorbeeld je belastingen niet betaalt of een lening niet terugbetaalt. En je kunt er weer vanaf, door het probleem op te lossen. Zolang je op die lijst staat, mag je niet met het vliegtuig of met de hogesnelheidstrein eerste klas.
Het grote probleem, erkent Coppens, is schaalgrootte. In een land van 1,4 miljard mensen vallen er altijd mensen tussen de mazen, die onterecht op een lijst belanden. Hij vertelt over een twaalfjarig meisje dat haar examens niet mocht doen omdat haar vader zijn lening niet had terugbetaald.
“Er is een meisje geweest van twaalf jaar die haar examens moest doen, maar die mocht dat niet omdat haar vader zijn lening niet terugbetaald had. Daar zijn mensen voor op straat gekomen en dat is uiteindelijk dan ook opgelost.“
Toen dat op sociale media kwam, is er protest geweest en is het meisje van de lijst gehaald. Dit illustreert hoe Chinese maatschappelijke druk kan leiden tot bijsturing.
Hoe Chinezen protesteren zonder de straat op te gaan ▶ 13:14
Dat brengt Coppens bij een cruciaal verschil tussen oosters en westers activisme.
“China staat op zijn achterste poten als er grote onrechtvaardigheden gebeuren. Chinese sociale media worden gebruikt om zich te uiten, en als je een paar honderdduizend Chinezen hebt die zich uiten, dan wordt dat wel gecensureerd, maar de overheid heeft het wel gehoord en gezien.“
Wij gaan met tienduizenden de straat op. Chinezen gebruiken sociale media om druk uit te oefenen. De overheid heeft vooral schrik van grote groepen die chaos veroorzaken op straat, een angst die niet van de Communistische Partij komt maar duizenden jaren terug gaat in de Chinese geschiedenis. Keizers hadden exact dezelfde vrees.
Maar als honderdduizenden of miljoenen Chinezen op sociale media hun ongenoegen uiten over een onrecht, dan ziet de overheid dat. Dan wordt het gecensureerd, ja, maar de boodschap is aangekomen. En dan past de overheid vaak heel snel de wetgeving aan.
“In mijn ervaring is het veel minder werk om die wetgeving eventjes vlug aan te passen dan honderd miljoen Chinezen te censureren,“ zegt Coppens nuchter.
We zien in het Westen altijd dat eerste deel, de censuur. We zien te weinig het tweede deel: de zelfreflectie en aanpassing van de overheid.
Een systeem dat sneller verandert dan welk ander ter wereld ▶ 15:07
Dat raakt aan iets wat Coppens cruciaal vindt om China te begrijpen.
“China heeft een heel zelfregulerend systeem. Als je naar de laatste dertig jaar kijkt, is het een systeem dat meer veranderd is dan om het even waar elders op de wereld.“
Hij haalt Deng Xiaoping aan, die in de jaren tachtig zei: we gaan heel het land opendoen, iedereen mag handel drijven. Een 180 graden draai in een communistisch land. Het equivalent in het Westen zou zijn dat Biden morgen alle bedrijven in Silicon Valley nationaliseert. Ondenkbaar. In China gebeurde het omgekeerde, en het gebeurde razendsnel.
“Het is net alsof dat Biden morgen zou zeggen: we gaan alle bedrijven in Silicon Valley morgen staatsbedrijven maken. Zou niet gebeuren. In China gebeurt dat wel.“
Het systeem wordt gezien als rigide, maar het past zich constant aan. Soms gaan ze te ver, dan corrigeren ze. De klepel van de klok zwaait heen en weer, maar de trend is vooruitgang. En zolang die trend omhoog gaat, en de gemiddelde Chinees erop vooruitgaat, heeft de overheid steun.
De hosts vragen: hoe snel kunnen ze dan bijsturen? Coppens: razendsnel, omdat er geen dertig jaar discussie nodig is zoals bij de Antwerpse ring. Als de top in Beijing iets beslist, wordt het uitgevoerd. Dat heeft voordelen, zoals de hogesnelheidstreinen. En nadelen, zoals de lockdown in Shanghai die twee en een half maand duurde. Het gaat in beide richtingen.
600 miljoen Chinezen in de middenklasse, bijna evenveel als alle Europeanen ▶ 18:18
Een cijfer om even bij stil te staan, dat Coppens opsnoemt.
“Er zijn nu ongeveer 230 miljoen families, bijna 600 miljoen mensen die behoren tot de middenklasse. Dat is bijna evenveel als alle Europeanen samen.“
Middenklasse betekent niet per se evenveel inkomen als hier, maar wel evenveel koopkracht. Huizen, consumptie, levenskwaliteit vergelijkbaar met Europa. En er zitten nog 700 à 800 miljoen mensen onder die lijn. Het land is volop in beweging.
Dat verklaart waarom het systeem draagvlak heeft. Zolang de trends naar omhoog gaan, zolang de modale Chinees erop vooruitgaat, hebben Chinezen het gevoel dat ze heel goed bezig zijn. Wij kijken naar feiten op een moment, naar onrechtvaardigheid hier en nu. Zij kijken naar de trend, naar de richting waarin het gaat.
“Terwijl wij het gevoel hebben: ja, maar om dat te bereiken moet je andere mensen schade berokkenen,“ vat Coppens samen. Beide perspectieven zijn waar, vanuit hun eigen kader.
Meritocratie: Xi Jinping moest op vele niveaus presteren voordat hij leider kon worden ▶ 19:46
Eén van de meest fascinerende vergelijkingen die Coppens maakt, is die tussen het Chinese politieke systeem en een groot bedrijf. Een bank, bijvoorbeeld, waar je echt moet bewijzen dat je goed bent en ervaring hebt opgebouwd om door te groeien. Growing the ladder.
“Als we kijken naar waarom Xi Jinping eigenlijk de leider geworden is van China, dan is dat puur te maken met dat hij in elk stadium tot daar toe eigenlijk bewezen heeft dat hij een enorme dienst voor het land heeft gedaan, voor de regio, voor de stad waar hij verantwoordelijk was.“
Een Chinese vriend zei tegen Coppens: stel dat Trump dat zou moeten doen, die zou nooit zelfs burgemeester van het kleinste dorp in China worden, omdat hij in zijn politieke positie nog niks bewezen heeft. Dat is meritocratie.
Het betekent ook: examens, testen, op elk niveau bewijzen dat je goed genoeg bent. En niet alleen in één sector. Je moet op verschillende vlakken je waarde tonen: politiek, sociaal, economisch. Je moet eigenlijk minister geweest zijn van dertig verschillende portefeuilles en dat goed gedaan hebben om tot het hoogste niveau te komen.
In het Westen is politiek steeds meer een populariteitswedstrijd geworden, zeggen de hosts. Coppens knikt. Een Chinese opmerking die hij vaak hoort: “We hebben negen ministers van Volksgezondheid gehad in België. Ik denk niet dat er een dokter tussen zat. Dat zou in China niet mogelijk zijn.“
Het is geen oordeel over beter of slechter. Het is een andere logica.
Jack Ma en wat gebeurt als je te hard roept op het verkeerde moment ▶ 24:00
Coppens haalt een concreet voorbeeld aan dat de dynamiek van het Chinese systeem illustreert: Jack Ma, de oprichter van Alibaba, die in 2020 “verdween“ uit het publieke leven nadat zijn bedrijf Ant Financial niet naar de beurs mocht.
In het Westen werd dit gezien als bewijs van totale overheidscontrole. Coppens ziet het anders.
“Jack Ma heeft gewoon te hard geroepen op het verkeerde moment. De wind was tegen. Hij zei dat de regulatoren er allemaal niks van wisten. Dan ga je onrechtstreeks het systeem van China aanvallen.“
Jack Ma had gezegd dat de regulering verouderd was en dat de regulatoren zelf niet begrepen hoe de nieuwe financiële technologie werkte. Dit gebeurde net toen de overheid bezig was met nieuwe regels voor de hele financiële sector. Door zo hard te roepen op dat moment, kwam hij lijnrecht tegenover de overheid te staan. Het gevolg: zijn bedrijf mocht niet naar de beurs, waardoor honderden miljarden dollar aan waarde verloren ging.
Maar het probleem was niet alleen dat de overheid boos was. Duizenden werknemers van Ant Financial hadden jarenlang uitgekeken naar de beursgang, omdat ze aandelen in het bedrijf hadden. Die konden hun vermogen niet verzilveren. Jack Ma trok zich terug, niet alleen uit angst voor de overheid, maar omdat al zijn mensen hun droommoment kwijt waren.
“Die hadden normaal aandelen in het bedrijf en die hebben dat dus allemaal niet kunnen verzilveren. Dan wil je als Chairman eventjes wegsteken want je hebt eigenlijk duizenden mensen die plots niet hun droom punt bereikt hebben.“
Zes maanden later was hij er weer. Het illustreert de Chinese politieke cultuur: populariteit mag, maar je moet de timing aanvoelen. De overheid heeft de macht, maar die macht wordt ook beperkt door maatschappelijke druk en economische realiteit. Als je te hard roept op het verkeerde moment, volgt er reactie. Maar het is een tijdelijk fenomeen.
Waarom Chinezen niet met tienduizenden de straat op gaan: angst voor chaos ▶ 26:19
De hosts duiken dieper in op het verschil tussen intern en extern georiënteerd. Is China echt zo intern gericht, of is het verwesterd? Coppens: China blijft een relatiemaatschappij, al 2.500 jaar. Die traditie is zelfs bij generatie Z, de jongste Chinezen, nog sterk aanwezig. Ze zijn verwesterd in hun consumptiegedrag en hun ambities, maar die confucianistische basis blijft.
Guangxi, het netwerk, staat centraal. Binnen je tribe deel je alles, heb je vertrouwen. Buiten die tribe ben je voorzichtig, wantrouwend zelfs. Dat verklaart waarom Chinezen die elkaar niet kennen, elkaar niet meteen vertrouwen. Maar eenmaal je binnen hun netwerk bent, opent alles zich.
En het verklaart ook waarom China zo bang is voor grote groepen op straat. Elke keizer was er al bang voor: chaos van onderuit. De Communistische Partij deelt die angst. Niet omdat het een dictatuur is, maar omdat het een Chinese angst is, geworteld in duizenden jaren geschiedenis van opstand en ineenstorting.
Sociale media is de nieuwe vorm van protest. En de overheid luistert, omdat het alternatief, censuur van miljoenen, te veel werk is.
Dubbele standaarden: Huawei, Hongkong en Barcelona ▶ 27:59
Coppens brengt iets onder de aandacht wat zelden in het Westen wordt erkend: dubbele standaarden.
“De hypocrisie is dat wij in het Westen bepaalde dingen onszelf veroorloven terwijl wij China als autoritair zien. Wat er gebeurt met Huawei, de Chinezen vinden dat even erg als wat wij vinden wat er met Hongkong gebeurt.“
Huawei werd door de VS en Europa uit de markt gezet, zonder harde juridische veroordeling, puur op basis van verdenkingen en geopolitieke druk. Voor Chinezen is dat willekeur. Wij zien het als nationale veiligheid. Chinezen zien wat er in Barcelona gebeurt met de Catalaanse separatisten, opgesloten, en vragen: is dat zo anders dan wat wij doen in Xinjiang?
Coppens wil het ene niet met het andere vergelijken, maar hij wijst op de perceptie. “Het is niet dat het ene niet bestaat omdat het andere ook bestaat. Het is gewoon dat we de twee vanuit een eigen context bekijken.“
Hongkong is misschien het meest complexe voorbeeld. Voor het Westen is het een drama: een stad die zijn vrijheid verliest. Voor China was er een afspraak voor vijftig jaar: geleidelijke integratie. Maar Hongkong veranderde het systeem al op dag vijfentwintig. Voor Chinezen is dat contractbreuk.
“Voor Chinezen betekent de afspraak voor vijftig jaar een nieuwe visie. Wij zien die afspraak voor vijftig jaar alsof het gisteren was. Beiden hebben we allebei gelijk vanuit ons eigen standpunt.“
Het resultaat: demonstraties, jongeren die hun toekomst zien verdwijnen, en een stad in conflict. Voor de mensen in Hongkong is de situatie dramatisch. Dat erkent Coppens volmondig. Maar hetzelfde heb je in Catalonië, waar separatistische leiders ook opgesloten werden, en daar praten we minder over.
Bespreekbaar maken: Chinezen willen discussiëren, maar achter gesloten deuren ▶ 30:00
De hosts vragen: hoe kijkt China naar het bespreekbaar maken van taboes? In het Westen wordt alles bediscussieerd, soms tot in den treure. Chinezen willen ook discussiëren, zegt Coppens, maar dan intern.
“Chinezen willen eigenlijk zoveel mogelijk bespreken, maar die besprekingen zijn vaak intern. De reden dat ze het intern willen houden is omdat ze schrik hebben dat de besprekingen anders niet gaan doorkomen.“
Vergelijk het met een rechtszaak. Soms gaat die open, soms achter gesloten deuren. Als een jury blootgesteld blijft aan externe druk, media, publieke mening, dan kan dat de uitkomst beïnvloeden. Chinezen zijn voorzichtig om alles open te gooien, omdat ze vrezen dat het dan niet tot een oplossing komt.
Binnen een Board van een bedrijf, legt Coppens uit, moet je samenwerken. Als iedereen constant vecht, gaat het bedrijf niet overleven. Die boardmentaliteit zie je terug in de Chinese politiek.
“Ze hebben meer een algemeen begrip voor het feit dat ze samen tot een oplossing moeten komen. Je kan dat vergelijken met een board binnen een bedrijf: als iedereen constant te vechten gaat, dan gaat dat bedrijf niet overleven.“
Verschil met het Westen: wij vertrekken vanuit binaire standpunten. Ik denk dit, jij denkt dat, we leggen alles op tafel, we crashen onze argumenten tegen elkaar. Chinezen denken contextueel, holistisch. Ze verzamelen informatie van iedereen rondom zich, tasten af, en komen dan gezamenlijk tot een conclusie.
Voor ons klinkt dat als holle praatjes. Voor hen is het een strategische manier om tot consensus te komen zonder het collectief te verscheuren.
De waarde van respect: status in China is geen ego maar vertrouwen ▶ 32:58
De hosts merken iets opmerkelijks op: hoe kan het dat China, zo collectief georiënteerd, toch zoveel nadruk legt op status? Op het tonen van rijkdom, merken, dure tassen? Coppens corrigeert het beeld.
“Status in China is een respect functie, geen ego. Als jij die status gehaald hebt, dan weet de maatschappij dat je te vertrouwen bent.“
Het individualisme in China uit zich binnen een collectief gegeven. Ze houden rekening met de sociale context. Wij zijn veel meer van ons eigen ego, dat is door de Verlichting gekomen, door de religies. Ons idee van het individu staat los van de groep. In China niet.
“Als Chinezen naar Europa komen en fotootjes pakken en dure handtassen kopen, is dat meer om dat te kunnen posten zodat hun vrienden het zien. Wij denken: ik ben beter dan iemand anders want ik kan het me veroorloven.“
Voor Chinezen is het: ik behoor tot die groep, ik kan nu ook meedoen. Het is geen competitie met anderen, het is een signaal naar je netwerk: ik heb het gemaakt, je kunt me vertrouwen.
Coppens noemt Nike-reclames. In het Westen gaat het over individuele prestaties, jij die rent, jij die wint. In China gaat het over hoe jouw bijdrage het team vooruit helpt, en hoe het team jou ondersteunt. Totaal verschillende framing, voor dezelfde producten.
Politieke correctheid bestaat ook in China: sociale censuur als universeel fenomeen ▶ 52:52
Een interessante parallel die Coppens trekt: censuur in China versus politieke correctheid in het Westen. Het verschilt in vorm, niet in essentie.
“Politiek correct zijn, sociale censuur: dat bestaat ook in China. We zeggen beiden dingen niet omdat dat politiek niet correct is binnen een omgeving.“
In het Westen censureren we onszelf voortdurend, uit angst voor sociale sancties, reputatieschade, cancel culture. In China censureren ze ook, maar dan vooral wat het systeem rechtstreeks aanvalt of wat chaos kan creëren. Verder mogen ze verrassend veel zeggen.
Chinezen weten heel goed wat ze wel en niet kunnen zeggen op internet. 99 procent van wat ze willen zeggen, mogen ze ook zeggen. Het kleine percentage dat niet mag, gaat over het aanvallen van het systeem zelf of het verspreiden van geruchten die paniek kunnen veroorzaken. Binnen die lijnen voelen de meesten zich niet beperkt.
“Chinezen zijn heel kritisch tegenover Xi Jinping, maar dat gaan ze in het publiek nooit zijn. Ze gaan dat tegen mij onder vier ogen wel uitleggen.“
Coppens zegt dat hij met vrienden in China heel open kan praten over politiek. Ze hebben kritiek op Xi, op het beleid, op keuzes die gemaakt worden. Maar ze zeggen het niet in het openbaar, niet waar buitenstaanders bij zijn. Dat is beleefdheid, gezichtsverlies vermijden, maar ook pragmatisme. Waarom chaos creëren als je het intern kan bespreken?
De grens ligt bij wat publiek is. Net zoals wij in een boardroom dingen zeggen die we niet op Twitter zetten.
De angst van de Communistische Partij: christenen, niet moslims ▶ 56:15
Wat is de grootste bedreiging voor het Chinese systeem, vraagt Coppens zich af? Niet de oeigoeren, hoewel dat de indruk is. Het zijn de christenen.
De grootste religieuze groep in China na de Communistische Partij bestaat uit protestanten en katholieken. “De grootste cirkel die China heeft.“ Zolang ze zich houden aan de afspraken, worden ze met rust gelaten. Maar de dag dat ze zich tegen het systeem beginnen te keren, komen ze op de radar.
Dat gebeurde met Falun Gong, een beweging die in de jaren negentig begon als een spirituele praktijk met meditatie en oefeningen, maar steeds meer een anti-overheidshouding aannam. China trad daar heel hard tegen op, omdat religieuze groeperingen heel snel heel veel mensen kunnen mobiliseren. Dat kan chaos veroorzaken. En chaos is de grootste angst.
“Zolang de meeste Chinezen het gevoel hebben dat het systeem hen vooruithelpt, ga je niet veel aanhangers krijgen. De bar waar China het meeste schrik van heeft zijn de grote religies, vooral de christenen.“
Maar tegelijk is China responsief, nuanceert Coppens. Als er maatschappelijke druk komt, als mensen protesteren via sociale media, dan luistert de overheid. Niet altijd, en niet snel genoeg voor westerse ogen, maar het gebeurt. Het systeem is zelfcorrigerend, al gaat het met horten en stoten.
Waarom jonge Chinezen terugkeren naar traditie en trots worden op hun eigen cultuur ▶ 55:57
Iets wat Coppens recent sterk ziet veranderen: de jongere generatie Chinezen grijpt terug naar traditionele waarden. Tot vijf jaar geleden keek China vooral naar het Westen om te imiteren, te kopiëren, te leren. Nu niet meer.
“Tot vijf jaar geleden waren ze aan het kijken naar het Westen om te imiteren en te kopiëren. Maar nu zien zij zichzelf succesvol en zijn ze fier om Chinees te zijn.“
Ze zijn trots op hun geschiedenis, niet de Mao-periode maar de duizenden jaren daarvoor, de keizerrijken, de cultuur, de innovaties. Ze zien zichzelf als top weer, zoals China ooit was. De creativiteit, de innovatie die honderden jaren geleden de wereld leidde, willen ze terughalen.
Dat betekent niet dat ze het westerse model loslaten. Ze kiezen eruit wat werkt, voegen daar hun eigen cultuur aan toe. Pick and choose, zoals de hosts het noemen.
“Ze zijn als een spons, die zijn enorm nieuwsgierig. Wij zien dat vaak van: ze komen het hier allemaal pakken. Maar voor hun is dat een vorm van zelfverrijking.“
Confucianistische nieuwsgierigheid, een kinderlijke openheid. Ze willen leren, niet om het Westen te kopiëren, maar om zichzelf te verbeteren binnen hun eigen kader.
En het gaat beide kanten op, benadrukt Coppens. De Chinese privacywetgeving is bijna een kopie van de Europese GDPR.
“De Chinese privacy regeling is bijna een kopiebeest van wat wij in Europa gebouwd hebben met GDPR. Het is niet dat ze zeggen: wij gaan het allemaal beter doen.“
De vraag die wij niet durven stellen: waar vertrek je, vanuit het individu of het collectief? ▶ 47:21
Na een anderhalf uur gesprek komen de hosts en Coppens bij de kern: universele waarden. Zijn ze echt universeel? En zo ja, waarom verschilt de invulling dan zozeer?
Coppens antwoordt helder: de waarden zelf zijn grotendeels hetzelfde. Eerlijkheid, rechtvaardigheid, respect, mensenrechten, geen discriminatie. China onderschrijft die allemaal. Maar het vertrekpunt verschilt fundamenteel.
“De meeste waarden zijn universeel, zowel voor ons als voor China. De invulling ervan verschilt. Wij zien de waarden vanuit het individu, Chinese zien hun waarden vanuit het collectief.“
Wij proberen het individu te beschermen tegen wandaden van de maatschappij. China probeert de maatschappij te beschermen door individuen een gedragscode mee te geven.
“Chinezen zien hun waarden vanuit een soort zelfbewustzijn dat de mens moet creëren naar de maatschappij toe. Wij zien dat als een goede maatschappij die naar het individu moet kijken.“
Het Confucianisme gaat ervan uit dat de mens goed geboren is. Als je mensen binnen families, binnen netwerken, de juiste waarden meegeeft, gedragen ze zich goed. Vanuit die binnenuit-filosofie bouw je een rechtvaardige samenleving.
Het legalisme, de andere stroming in de