In gesprek met William Boeva: "19 procent van de wereldbevolking heeft een beperking, maar ze blijven onzichtbaar"
De late namiddag valt over De Melkerij in Brasschaat als William Boeva binnenrijdt met zijn elektrische rolstoel. De comedian en acteur, bekend van zijn scherpe humor en toneelwerk, schuift aan voor een gesprek dat veel dieper gaat dan zijn gewoonlijke optredens. Met een glas rode wijn binnen handbereik en de typische ongedwongen sfeer van Discours Met De Boys, opent zich een verhaal over inclusie, segregatie en de schrijnende realiteit van mensen met een beperking in België.
“Mijn vrienden zien mij in een rolstoel een beetje zoals vroeger als je een bril droeg,“ zegt Boeva terwijl hij zich instelt. “Nu is een bril fashion. Dat zou wel leuk zijn als mijn rolstoel ook fashion werd.“ Het is een typische Boeva-opmerking: luchtig van toon, maar met een diepe waarheid eronder.
"Volgens handicap internationaal zijn 19 procent van de wereldbevolking mensen met een beperking" ▶ 3:07
Het gesprek begint met een confronterende realiteit. Boeva heeft zich de laatste tijd verdiept in onderzoek van de AP Hogeschool over de positie van mensen met een beperking in de samenleving. De cijfers zijn verrassend.
“Volgens handicap internationaal zijn 19 procent van de wereldbevolking mensen met een beperking. Dat is de grootste minderheidsgroep ter wereld.“
Toch blijven ze largely onzichtbaar, aldus Boeva. “Als een op vijf mensen een beperking heeft, dan zou je bij elke groep van vijf personen één persoon met beperking moeten zien. Maar die zijn onzichtbaar in onze maatschappij.“
Die onzichtbaarheid begint vroeg. Boeva vertelt hoe zijn ouders weigerden hem naar het buitengewoon onderwijs te sturen, ondanks medische druk. “Zelfs een dokter zei: hij al moet hier een school worden en zit dus op een trapje en zie hem niet meer zoals hij komen. Die gaf ons een vrij schip zolang hij rondes alleen 's ochtends maar loopt.“
Het democratisch deficit van België ▶ 5:46
Het gesprek neemt een politieke wending als Boeva de structurele problemen in België aankaart. Het land scoert dramatisch slecht op inclusie.
“België is al een aantal keer veroordeeld door het Europees Hof van de Rechten van de Mens voor het schenden van de rechten van mensen met beperkingen.“
De cijfers zijn schrijnend: “We hebben gemiddeld 8 procent van onze kinderen in het buitengewoon onderwijs, terwijl het Europese gemiddelde 2 procent is. Wat een actieroos.“ Die segregatie wordt bovendien gesubsidieerd door de overheid. “Je krijgt veel gemakkelijker subsidies voor een evenement dat je alleen organiseert voor mensen met een beperking dan voor een inclusief evenement.“
Het resultaat is een vicieuze cirkel. Boeva citeert een jonge man van 18 uit het buitengewoon onderwijs die tegen hem zei: “Ik heb eigenlijk geen vrienden zonder beperking.“ Toen Boeva hem vroeg hoeveel mensen zonder beperking hij met een beperking kende, was het antwoord voorspelbaar: niemand.
“Er zitten in onze maatschappij gesubsidieerde segregatie. Dat is eigenlijk effectieve circulatie.“
"Een dokter zei letterlijk tegen vrienden van mij: jullie zoon is klaar" ▶ 4:41
De medische wereld komt er niet goed vanaf in Boeva's verhaal. Hij deelt een hartverscheurende anekdote over vrienden met een zoon met spina bifida.
“Een dokter zei letterlijk tegen vrienden van mij: jullie zoon is klaar. Je moet gezien hebben dat hij gaat dus die geval de zo'n jij niet.“
Die houding is geen uitzondering. “Dat is helaas geen uitzondering, die situatie is gewoon echt schrijnend,“ verzucht Boeva. “Heel weinig mensen weten daarvan.“ De gedachte dat een leven met een beperking per definitie een ongelukkig leven is, vormt de basis van veel discriminatie.
Boeva's eigen ervaring contrasteert sterk met dit beeld. “Ik zelf heb tot het besef gekomen door doordat ik eindelijk door de massa van nood heb wat grip gekregen. Mijn ouders hebben altijd geweigerd dat ik naar het buitengewoon onderwijs zou gaan.“
De rolstoel die 30 per uur gaat ▶ 14:02
Een lichtpuntje in het gesprek komt als Boeva vertelt over hoe zijn vrienden tegen zijn rolstoel aankijken.
“Mijn rolstoel gaat 30 per uur en je kunt er muziek mee afspelen. Mijn vrienden vinden dat cool en willen er ook mee rijden.“
Het is een mooi voorbeeld van hoe een andere benadering de dynamiek kan veranderen. “Mijn vrienden zien mij in een rolstoel een beetje zoals vroeger als je een bril droeg. Nu is een bril fashion. Dat zou wel leuk zijn als mijn rolstoel ook fashion werd.“
Die houding – van zijn vrienden, maar ook van hemzelf – maakt het verschil. In plaats van medelijden ontstaat er bewondering, in plaats van ongemak komt er nieuwsgierigheid.
"Ze hebben mij twee dagen voor opname gebeld: we gaan je moeten vervangen want de zender wil meer diversiteit" ▶ 45:01
De mediawereld toont de hypocrisie van diversiteitsbeleid. Boeva was geboekt voor een programma maar werd op het laatste moment vervangen.
“Ze hebben mij twee dagen voor opname gebeld: we gaan je moeten vervangen want de zender wil meer diversiteit. Daarom vervangen ze mij door een vrouw.“
De ironie is pijnlijk. “In België hebben we heel weinig tot geen mensen met een beperking in de media. Als je naar de lijst van presentatoren kijkt van alle zenders, zie je niemand met een zichtbare beperking.“
Toch worden er wel programma's gemaakt over mensen met een beperking – maar niet door hen. “Ze maken graag programma's voor mensen met een beperking waar die dan op date gaan met andere mensen met een beperking. Maar voor mij voelt dat even fout aan. Een programma over kolonisatie gepresenteerd door twee blanken zou ook heel fout zijn.“
Het kastje en de muur van het zorgsysteem ▶ 32:41
Het Belgische zorgsysteem ontpopt zich als een bureaucratisch labyrint dat mensen eerder ontmoedigt dan helpt. Boeva's ervaringen met de controlegeneeskunde zijn schrijnend.
“Mensen met een beperking worden niet gestimuleerd om te gaan werken. Integendeel, ze worden gestraft door het systeem.“
De uitkering wordt opgesplitst in een werkloosheidsuitkering en een integratietoegemoeting. Die laatste moet de extra kosten dekken die komen met een beperking. Maar zodra je gaat werken, valt alles weg.
“Als je nu een euro verdient per maand of een miljoen, mijn integratiekosten blijven even groot. Dus ik zie niet in waarom die integratietegemoetkoming zou moeten verdwijnen.“
De controles zijn kafkaësk. “Ik moest letterlijk gaan bewijzen dat ik niet kan wandelen. De vraag was: kunt ge binnenshuis rondlopen? Als je nee antwoordt, krijg je geen tussenkomst voor een rolstoel.“ De logica ontbreekt volledig: hoe kun je aantonen dat je een rolstoel nodig hebt als je geen rolstoel hebt om naar de controle te komen?
"Ze hebben heel hard gezocht voor die rol van een verlamde man en niemand gevonden" ▶ 39:53
De filmwereld illustreert perfect hoe het systeem mensen met een beperking buitensluit, om hen vervolgens weer nodig te hebben.
“Ze hebben heel hard gezocht voor die rol van een verlamde man en niemand gevonden. Toen hebben ze mij gecontacteerd via het casting agentschap.“
Het probleem zit dieper dan alleen een gebrek aan mogelijkheden. “Je wordt niet gemotiveerd om dat te doen. Je komt al van kinds af aan in een systeem terecht van 'je zult al gelukkig zijn als je dit kan'. Je hebt die omgeving waarin het mentaal niet zomaar is om te zeggen: ik wil acteur worden.“
Internationaal loopt België achter. “Een rol die in België gespeeld wordt door iemand in een rolstoel, kon in Engeland niet meer door iemand zonder beperking worden gespeeld. Maar in België wel.“
Inclusief onderwijs: "In Portugal hadden ze 20 kandidaten, in België één" ▶ 40:54
Een Europees project toonde de achterstand van België pijnlijk bloot. Waar Portugal 20 kandidaten had die vanuit het buitengewoon onderwijs verder wilden studeren, had België er één.
“In Portugal hadden ze 20 kandidaten op de wachtlijst om verder te kunnen studeren vanuit het buitengewoon onderwijs. In België was er één kandidaat.“
Het probleem begint bij de leerkrachten. “Letterlijk leerkrachten die zeggen: dat kind komt niet in mijn klas. Maar het probleem is dat leerkrachten niet opgeleid worden om inclusief onderwijs te geven.“
“Het is bewezen dat inclusief onderwijs kan. Dus zo moeilijk is het niet. Je moet het gewoon doen en durven leren van kleine aanpassingen.“
De lift die overbodig is ▶ 52:16
Boeva illustreert hoe simpel inclusiviteit kan zijn met een concreet voorbeeld uit de AP Hogeschool.
“Ze kunnen een lift besparen door gewoon een schuine rand te maken. Dat is inclusief want dan kan iedereen erdoor. Maar ze bouwen een trap met een lift.“
Die mentaliteit – eerst exclusief bouwen, dan dure aanpassingen maken – kenmerkt de hele benadering. “Bijna alle theaters in België zijn niet aangepast. Terwijl in Nederland bijna overal toegankelijk is. Het kan wel, maar we doen het gewoon niet.“
"Komedie is een van de meest intelligente vormen van communicatie" ▶ 1:02:39
Het gesprek keert terug naar Boeva's eigenlijke vak: de komedie. Voor hem is het meer dan entertainment.
“Komedie is een van de meest intelligente vormen van communicatie. Je kunt in één zin zoveel connotaties en invalshoeken duiden waardoor het grappig wordt.“
Maar comedy heeft ook een therapeutische functie, zowel voor de comedian als het publiek. “Je publiek groeit mee met jou. Mijn fans zijn begonnen toen ik 20 was of zo, mensen die me toen volgden zijn misschien nu ook ouders geworden. Je ziet je publiek evolueren.“
De kracht van humor ligt in de erkenning van onze gedeelde kwetsbaarheid. “Iedereen heeft er het recht op om een idioot te zijn. We zijn allemaal gewoon kleine beesten die in een donkere ruimte rondlopen en doen alsof we weten wat we aan het doen zijn.“
"Ik vind het een van de grootste geruststellingen in mijn leven dat je de stomste mens kunt zijn op deze planeet" ▶ 19:57
Die filosofie – van nederigheid en zelfrelativering – vormt de kern van Boeva's benadering.
“Ik vind het een van de grootste geruststellingen in mijn leven dat je de stomste mens kunt zijn op deze planeet. Toch kun je wel doen alsof je weet waar je mee bezig bent.“
Het is een houding die ruimte creëert voor dialoog en begrip. “Niemand heeft de waarheid helemaal in pacht. Iedereen heeft ergens nog een punt, en als we die samen brengen komen we dichter bij een goed antwoord.“
Het probleem met voorzichtigheid ▶ 22:54
Paradoxaal genoeg kan teveel bescherming averechts werken, stelt Boeva.
“Het probleem met onze voorzichtigheid is dat je automatisch uit een groep wordt gezet als iemand die bescherming nodig heeft. Dat is de foute instelling.“
Die overprotectie – hoe goed bedoeld ook – bevestigt uiteindelijk de segregatie. “Als voorzichtigheid wordt ingevuld door anderen, word je automatisch uit een groep gezet als iemand die beschermd moet worden omdat ze het niet aankunnen.“
Waarom controle-teams jobs zouden moeten creëren ▶ 38:38
Met zijn kenmerkende scherpte stelt Boeva een simpele vraag over het controlesysteem:
“Waarom maken we niet de helft van dat controle-team letterlijk vrije jobs voor mensen met beperkingen? Dan hebben we meer jobs gecreëerd.“
Het is een praktisch voorstel dat de absurditeit van het huidige systeem blootlegt: mensen met beperkingen controleren op hun beperking in plaats van hen aan het werk te helpen.
---
Als het gesprek ten einde loopt en de glazen leeg raken, blijft de essentie van Boeva's boodschap hangen in de Melkerij. België kampt met een structureel probleem dat verder gaat dan individuele vooroordelen. Het is een systeem dat segregatie subsidieert, inclusie ontmoedigt en vervolgens mensen met beperkingen de schuld geeft van hun eigen onzichtbaarheid.
Toch eindigt dit verhaal niet in cynisme. Door zijn komedie, zijn openhartigheid en zijn weigering om zich te laten wegduwen, toont William Boeva dat er een andere weg mogelijk is. Een weg waarbij verschillen niet weggemoffeld worden, maar juist gevierd. Waarbij een rolstoel die 30 per uur gaat niet beklagenswaardig is, maar benijdenswaardig cool.
Het is de missie van Discours in een notendop: echte dialoog ontstaat niet door problemen te ontwijken, maar door ze vol in het gezicht te kijken – en er desnoods om te lachen.