Nick Mertens over de American Dream: "We hebben Amerika altijd gezien als onze grote broer"

In de Melkerij te Brasschaat schuift Nick Mertens aan met een gekruide rum in de hand. De jurist die zichzelf liever “amerikanist“ noemt, publiceert voor De Morgen en Knack, is vaste gast bij De Afspraak en De Tafel, en pende net zijn tweede boek: Stars, Stripes & Stories, 250 jaar Amerikaanse geschiedenis in 100 verhalen. Het gesprek valt toevallig rond 4 juli, en Mertens gebruikt die datum als kapstok voor een gesprek dat verder gaat dan vlaggen en vuurwerk: over een land dat zichzelf tegelijk als vrijheidsparadijs en als ongelijkheidsmachine ziet, en over een Europa dat voor het eerst voelt dat de grote broer overzee afstand neemt.

"Stars, Stripes & Stories": 250 jaar Amerika in 100 verhalen ▶ 0:32

Mertens opent met de insteek van zijn boek. Hij wilde de 250 jaar geschiedenis van de Verenigde Staten niet als een klassiek geschiedenisboek brengen, gedomineerd door politiek, maar bundelen in honderd op zichzelf staande verhalen. Van P.T. Barnum en zijn spektakelshow tot McDonald's, Elvis Presley en Playboy: stuk voor stuk momenten die volgens hem tonen wat Amerika drijft. Niet enkel de politieke geschiedenis dus, maar de volle breedte van een cultuur die zichzelf voortdurend opnieuw uitvindt.

Waarom 4 juli voor Amerikanen moord en brand betekent ▶ 2:01

Het gesprek valt op 1 juli, kort voor Independence Day. Mertens legt uit waarom 4 juli 1776 zo'n beladen datum is: de dag waarop de onafhankelijkheidsverklaring werd goedgekeurd, het officiële afscheid van de Britse monarchie voor de toenmalige dertien kolonies. Dat verklaart voor hem ook de buitensporige omvang van het vuurwerk elk jaar. Amerikanen vieren niet binnenskamers, ze vieren groots, en dit jaar wil men zelfs een wereldrecord vuurwerk breken, iets wat Mertens tekenend noemt voor de sfeer onder de huidige regering.

Een land van amper 250 jaar oud, gebouwd op andermans grond ▶ 3:56

Wat Mertens het meest fascineert aan Amerika, is precies hoe jong het land is. Nog geen 250 jaar geschiedenis, tegenover eeuwen aan Europese geschiedenis die zich moeilijk laat afbakenen. Maar hij is er scherp over: die Nieuwe Wereld was geen nieuwe wereld. Al zo'n 20.000 jaar voor Christus staken mensen via de Beringlandbrug over naar Alaska, en er leefden allang beschavingen toen de kolonisten arriveerden. De kritiek dat de kolonisatie in essentie gestolen land was, leeft volgens Mertens vandaag harder dan ooit, terwijl de regering-Trump net probeert die geschiedenis te herschrijven in het voordeel van de blanke kolonisten, de zogenaamde Manifest Destiny.

"De echte Amerikanen liepen de Trail of Tears" ▶ 5:16

Een van de scherpste passages van het gesprek gaat over de gedwongen verhuizing van inheemse volken in de jaren 1830. President Andrew Jackson liet alle stammen ten oosten van de Mississippi verplaatsen naar wat nu Oklahoma is, officieel vrijwillig, in de praktijk onder dwang. Een tijdgenoot noemde die mars “een pad van tranen en dood“, de Trail of Tears.

“Ik zeg altijd: de échte Amerikanen, die hebben de Trail of Tears gelopen.“

Mertens relativeert zijn eigen uitspraak meteen: het is geen oproep om die geschiedenis goed te keuren, wel om te erkennen dat dit soort verdringing door de geschiedenis heen overal is gebeurd. Dat neemt niet weg dat dit volgens hem een van de meest onderbelichte hoofdstukken van de Amerikaanse geschiedschrijving blijft.

Waarom kritiek geven geen hekel aan een land is ▶ 7:35

Mertens krijgt na lezingen vaak de vraag of hij Amerika eigenlijk wel graag ziet, net omdat hij de donkere bladzijden benoemt.

“Het is juist omdat je een land graag ziet, dat je ook oog moet hebben voor wat dat land verkeerd heeft gedaan.“

Hij plaatst dat tegenover de retoriek van de MAGA-beweging, die kritiek op het land steevast interpreteert als een gebrek aan patriottisme. Voor Mertens is precies het omgekeerde waar: alleen door de fouten te benoemen kom je tot een eerlijker beeld.

Onze rood-blauwe karikatuur van een tweepartijenland ▶ 8:11

De Europese berichtgeving over Amerika stoort Mertens, omdat ze het land voortdurend herleidt tot rood tegen blauw, terwijl de werkelijkheid genuanceerder is.

“In Amerika hebben we de facto nog maar twee partijen. Dat zou hetzelfde zijn alsof je Europa in twee stukken zou opsplitsen, of België in tweeën.“

Hij wijst erop dat wie in België voor een bepaalde partij stemt daarmee niet automatisch een uniform wereldbeeld deelt, en dat hetzelfde geldt voor Democraten en Republikeinen, ondanks de dwingende logica van een systeem met maar twee opties.

De bejaarde vrouw die niet mag struikelen: over Amerikaanse gastvrijheid ▶ 9:07

Tegenover het beeld van een onvriendelijk, gepolariseerd land zet Mertens een persoonlijke observatie. Hij haalt het voorbeeld aan van een oudere vrouw die met zware boodschappentassen sukkelt bij het oversteken: in België zou ze gewoon struikelen, in Amerika komt er steevast iemand vragen of ze hulp nodig heeft.

“Dat sociaal weefsel zit daar veel sterker in elkaar dan hier.“

Hij linkt dat aan de Amerikaanse afkeer van een sturende overheid: waar Europeanen er snel van uitgaan dat de staat een probleem wel oplost, bijvoorbeeld via dienstencheques voor een poetshulp, redden Amerikanen zich liever zelf, en vullen ze dat vaker op via de gemeenschap dan via de overheid.

Waarom Obama voor Europeanen de droompresident blijft ▶ 11:16

Europeanen kijken volgens Mertens vooral naar Amerikaanse presidentskandidaten door een eigen bril. Obama blijft daarom nog steeds een referentiepunt, precies omdat zijn diplomatische communicatiestijl aansluit bij wat Europeanen van een leider verwachten. Hij trekt de lijn door naar vandaag: Gavin Newsom spreekt Europeanen aan omdat hij het linkse, Californische Amerika belichaamt, ook al wordt hij binnen de VS zelf soms als te links weggezet.

“Pete Buttigieg zou een heel goede president zijn. Die heeft één nadeel: hij is homo.“

Mertens noemt dat een taboe dat hem binnen de Democratische achterban zelf al stemmen kost, nog voor er sprake is van een Republikeinse tegenstander.

Woke komt uit Amerika, en werkt hier niet één-op-één ▶ 13:12

Een zijsprong over de zogenaamde woke-beweging: die is volgens Mertens typisch Amerikaans, voortkomend uit een land dat zichzelf tegelijk als het meest innovatieve en het meest behoudsgezinde land ter wereld profileert.

“Woke komt inderdaad meer uit Amerika, en dat gaat daar ook agressiever. Bij ons heeft dat niet dezelfde felheid nodig, en dan gaat het al snel te ver.“

Hij illustreert dat contrast met abortus en het homohuwelijk, twee dossiers waar een groot, gelovig deel van de Amerikaanse bevolking nog altijd moeite mee heeft, ook al ligt de wetgeving intussen anders.

Hoe Amerikanen naar Europa kijken: kastelen, en verder niet veel ▶ 14:23

Op de vraag hoe de VS naar Europa kijkt, is Mertens eerlijk: niet als achtergesteld gebied, wel als iets wat in het dagelijkse Amerikaanse leven amper een rol speelt. Een Amerikaans koppel vertelde hem ooit gefascineerd te zijn door het idee van koningen en kastelen, meer als sprookjesbeeld dan als politiek interessant gegeven. Economisch en cultureel wordt Europa steeds minder relevant, zeker nu de eigen positie van de VS zelf ter discussie staat.

“Ik denk dat ze van ons niet zo wakker liggen.“

Correspondent Michiel Vos wordt aangehaald met de stelling dat Europeanen soms te veel met Amerika bezig zijn, in plaats van met zichzelf.

Vijftig staten, één taal: waarom Amerika zo anders reist dan wij ▶ 16:35

Mertens schetst hoe anders Amerikanen zelf met hun land omgaan. Zonder taalgrens of andere munt kunnen ze makkelijk duizenden kilometers overbruggen, en toch bezoekt een groot deel van de Amerikanen nooit meer dan een fractie van hun eigen land. Een Europeaan die naar de VS reist, vliegt vaak voor een paar dagen naar een andere staat zoals wij een treinrit naar een andere Europese hoofdstad nemen. Het woord “Verenigde Staten“ verhult voor hem hoezeer vijftig aparte staten intern soms compleet anders naar dezelfde kwestie kijken.

Waarom hij verliefd werd op een land dat je kunt afbakenen ▶ 18:29

Mertens noemt zichzelf gestructureerd, ook in zijn job, en dat verklaart volgens hem zijn fascinatie voor Amerikaanse geschiedenis.

“De geschiedenis van Europa is heel moeilijk af te bakenen voor mezelf. Terwijl je bij Amerika kunt zeggen: 4 juli 1776, en van daar begint het verhaal.“

Die overzichtelijkheid, gecombineerd met hoeveel het land in zo'n korte tijd heeft bereikt, noemt hij de kern van waarom Amerikaanse geschiedenis hem al zijn hele leven aantrekt.

Ford, McDonald's en de lopende band als Amerikaans handelsmerk ▶ 19:30

Gevraagd naar een verhaal dat de Amerikaanse denkwijze typeert, kiest Mertens voor de lopende band. Het principe bestond al in de slachthuizen van Chicago, maar Henry Ford paste het toe om de auto betaalbaar te maken. McDonald's herhaalde dat recept: een uitgeklede kaart van drie producten, een handboek tot op de seconde over hoe lang een hamburger moet bakken, en een model dat zich moeiteloos liet vermenigvuldigen over honderden vestigingen tegelijk.

Emmett Till: het pakkendste hoofdstuk van zijn boek ▶ 21:10

Tegenover die innovatie plaatst Mertens het verhaal dat hij zelf als het zwaarste van zijn boek omschrijft. In 1955 werd de veertienjarige Emmett Till, op bezoek bij familie in het diepe zuiden van Mississippi, ervan beschuldigd zich verkeerd te hebben gedragen tegenover een blanke vrouw in een buurtwinkel. Diezelfde nacht werd hij door de echtgenoot en zijn schoonbroer uit zijn bed gehaald, mishandeld, vermoord en met een katoenpers rond zijn nek in de Tallahatchie-rivier gegooid.

“Maar de rivier heeft mijn zoon teruggegeven.“

Een volledig blanke jury sprak de daders na minder dan een half uur beraad vrij. Wat de zaak historisch maakte, was de beslissing van Emmett Tills moeder.

“Ze hebben hem in een open doodskist laten opbaren, zodat iedereen de gruwel van de segregatie kon zien.“

Die foto's, aangrijpend verminkt, worden gezien als een van de vonken die de Amerikaanse burgerrechtenbeweging in gang zetten.

Twee jaar, twee banen en 170 verhalen die moesten sneuvelen ▶ 25:03

Achter het boek zit twee en een half jaar werk, gecombineerd met een voltijdse job. Mertens begon met een lijst van 150 tot 170 potentiële verhalen en moest die terugbrengen tot honderd. De keuze viel telkens op verhalen die de essentie van een fenomeen vatten zonder te diep te graven, om een breed lezerspubliek te bereiken. Hij erkent dat het zijn relatie onder druk zette: twee jaar lang minder aanwezig zijn thuis, na een volle werkdag nog beginnen schrijven.

"Ik ben geen wandelende encyclopedie" ▶ 27:36

Sinds de publicatie wordt Mertens overspoeld met interviewaanvragen, en dat brengt een eigen soort stress met zich mee.

“Ik ben geen wandelende encyclopedie.“

Hij herkent zich in professor Bart Kerremans, de Amerikanistiek-hoogleraar aan de KU Leuven, die naar eigen zeggen nog steeds zenuwachtig is voor elk interview, precies omdat hij het zorgvuldig wil doen. Mertens waarschuwt voor het “misbruik van de term expert“: mensen verwachten van duiders dat ze alles weten en zelfs voorspellen, terwijl niemand in andermans hoofd kan kijken.

De American Dream: vrijheid en hardvochtigheid in één pakket ▶ 29:22

Naar de belangrijkste conclusie van zijn boek gevraagd, komt Mertens uit bij het fundamentele zwart-wit van het land.

“Dat land is zwart-wit, extreem. Enerzijds lopen ze hoog op met hun vrijheid, met het nastreven van geluk. Aan de andere kant hebben ze de slavernij gekend, de segregatie gekend.“

Een recente peiling toont dat zo'n 61 procent van de Amerikanen nog altijd gelooft dat de American Dream haalbaar is. Tegelijk is er geen ander westers land zo ongelijk, zonder de sociale vangnetten die Europa kent.

“Het voordeel is: als het uw probleem is, kunt u ook zelf de oplossing zijn.“

Mertens nuanceert dat de meeste Amerikanen dat systeem niet als onrechtvaardig ervaren, zolang het maar binnen aanvaardbare marges blijft, ook al erkent hij dat aanhangers van Bernie Sanders daar radicaal anders over denken en spreken van een oligarchie.

De taxichauffeur die onze sociale zekerheid niet wil ▶ 32:32

Een anekdote maakt het abstracte concreet. In een taxi naar de luchthaven in New York vertelde Mertens hoe goedkoop een poetshulp in België is dankzij dienstencheques en hoe zijn sociale zekerheid in elkaar zit. De chauffeur, aanvankelijk onder de indruk, haakte meteen af toen Mertens vertelde dat daar 52 procent belasting tegenover staat.

“En hij zei van: nee, dan heb ik het er niet voor over.“

Voor Mertens toont dat precies de spanning: de Amerikaanse droom van de sociale zekerheid zonder de belastingdruk die ervoor nodig is.

Geen vakantiedagen, geen ontslagbescherming, en wapens in elke winkel ▶ 34:30

Mertens somt op wat die keuze voor een minimale federale overheid concreet betekent.

“Er bestaat geen betaalde vakantie vanuit de federale overheid.“

Ontslag kan doorgaans zonder lange opzegtermijn, en verlofdagen zijn vaak een gunst van de werkgever, geen recht. Diezelfde afkeer van centraal gezag verklaart voor Mertens ook de wapencultuur.

“Die kolonisten kwamen destijds aan in de wildernis en moesten zich verdedigen, niet alleen tegen de inheemse bevolking maar ook tegen wilde dieren. Dat zit er nu nog altijd in, en dat krijg je er nooit meer uit.“

Vietnam, Watergate en het wantrouwen dat de politiek zelf zaaide ▶ 37:00

Op de vraag waar de zwart-wit polarisering van de Amerikaanse politiek vandaan komt, is Mertens stellig: niet uit de cultuur, wel uit de politiek zelf. Tot aan de Vietnamoorlog hadden Amerikanen een groot vertrouwen in hun overheid. Dat kantelde met de Pentagon Papers, het Watergateschandaal en de leugens over Vietnam.

“Eens dat wantrouwen erin zit, kunnen we onze overheid niet meer vertrouwen.“

Als reactie zochten Republikeinen naar eenheid via een verhaal van Amerikaanse uitzonderlijkheid, de Shining City on a Hill. Hier corrigeert Mertens zijn gesprekspartners meteen: die uitdrukking komt niet van Reagan, maar van kolonist John Winthrop, al voerde Reagan ze wel opnieuw op. Net dat wij-zij-verhaal zaaide volgens Mertens de kiem voor de huidige polarisering.

Waarom bijna elke president naar Iran kijkt ▶ 39:58

Het gesprek springt naar de recente Amerikaanse aanval op Iran. Mertens plaatst die in een historische lijn die teruggaat tot de gijzelingscrisis van de jaren zeventig: de overtuiging dat er iets aan Iran gedaan moest worden, is opvallend apolitiek en overleeft elke wissel van Republikeinse naar Democratische regering. Zelfs Kamala Harris antwoordde tijdens de verkiezingscampagne bevestigend op de vraag of ze Iran zou aanvallen. Voor Mertens wijst dat op adviseurs en geopolitieke overwegingen die dieper zitten dan de kleur van het Witte Huis.

Trump, de Straat van Hormuz en het oordeel van de geschiedenis ▶ 44:25

Mertens erkent dat hij niet alle informatie heeft om de aanval op Iran ten gronde te beoordelen, maar wijst op het risico van de Straat van Hormuz, die Iran kan afsluiten met grote economische schade tot gevolg. Uiteindelijk eindigde de episode ongeveer waar het akkoord van Obama destijds al stond, na maanden oorlog en veel geld.

“Binnen 15 tot 20 jaar zullen de geschiedenisboeken Trump op deze oorlog wellicht helemaal anders beoordelen, niet op alle vlakken, maar op dit dossier wel.“

Hij trekt de vergelijking met Bart Kerremans, die net als hijzelf liever eerlijk “ik weet het niet“ zegt dan zich te wagen aan voorbarige, harde uitspraken.

Wie is de grootste bedreiging? Een peiling die niemand verwachtte ▶ 47:33

Een recente opiniepeiling, besproken op De Afspraak, toonde dat een meerderheid van de Vlamingen niet China maar de Verenigde Staten als grootste bedreiging beschouwt. Mertens noemt dat geen communistische propaganda, wel het resultaat van hoe de vraag gesteld wordt.

“China gaat ons nooit militair aanvallen. De echte, structurele bedreiging is nog altijd China, economisch en cultureel. Maar als de vraag over dreiging gaat, denkt men vaak militair.“

Amerika voelt dichterbij en onvoorspelbaarder aan, en dat vertaalt zich in de perceptie van wie het gevaarlijkst is.

Amerika, onze grote broer die nu afstand neemt ▶ 49:00

Hier valt het gesprek terug op het beeld waarmee de aflevering opende. Na de Tweede Wereldoorlog hielp het Marshallplan Europa heropbouwen, niet uit pure liefdadigheid, wel omdat de VS een afzetmarkt en een invloedssfeer nodig had. Europa idealiseerde dat en behandelde Amerika sindsdien als een grote broer.

“We hebben Amerika altijd gezien als onze grote broer. En nu voelen we dat die grote broer een beetje afstand begint te nemen. Tijd om volwassen te worden.“

Mertens vergelijkt het met een familieruzie: we zijn boos, maar diep vanbinnen weten we dat het net die afstand is die ons dwingt om zelf op te staan.

De zilveren rand van Trump: een eigen Europese techstack? ▶ 51:01

Die dwang heeft volgens Mertens ook een positieve kant. Europa investeert nu plots in een eigen cloud en een eigen zoekmachine, net omdat de volledige afhankelijkheid van Amerikaanse techreuzen als een acute dreiging aanvoelt.

“Als de Amerikanen morgen zeggen: je hebt geen toegang meer tot Office 365, dan kunnen ze bedrijven gewoon lamleggen.“

Voor Mertens is die kwetsbaarheid precies de reden waarom het verstandig is dat Europa niet langer blind vertrouwt op Amerikaanse infrastructuur, ongeacht wie er in het Witte Huis zit.

Marco Rubio of JD Vance: wie hoopt hij op voor 2028 ▶ 52:29

Gevraagd naar zijn eigen voorkeur voor de volgende president, kiest Mertens in de eerste plaats voor een Democraat, precies omdat die de Atlantische band met Europa doorgaans meer koestert. Onder de Republikeinen zou hij het liefst inzetten op Marco Rubio.

“Bij de Republikeinen zou ik het liefst al mijn geld op Marco Rubio zetten.“

JD Vance daarentegen verontrust hem meer dan Trump zelf.

“Qua gedachtegoed is Vance veel gevaarlijker dan Trump.“

Hij wijst op de stroming rond Vance en tech-figuren zoals Musk, die openlijk pleiten voor een efficiëntere, meer technocratische sturing van de staat, een idee dat volgens Mertens de vrije wereld net verzwakt in plaats van versterkt.

Het gevaar van een land dat draait om één man ▶ 54:40

Het gesprek buigt af naar het risico van machtsconcentratie bij één figuur, ongeacht het regime. Een president die te lang op zijn stoel blijft zitten, wordt volgens Mertens ook iemand die zich moeilijk nog kan losmaken van die macht. Voor Europa brengt dat een eigen probleem met zich mee.

“Voor ons is dit wel de eerste keer dat iemand echt breekt met ons in Amerika, puur op basis van wie er president is.“

Hij illustreert dat met een anekdote van de G7-top, waar Trump een kwartier te laat de zaal binnenkwam en de andere wereldleiders toch massaal applaudisseerden, een klein maar veelzeggend beeld van de machtsverhoudingen.

Europa's eigen zelfgenoegzaamheid ▶ 58:16

Mertens waarschuwt daarbij voor te veel eigen tevredenheid. Europa is volgens hem “op een roze wolk gaan zitten“ met zijn sociaal kapitalisme, en onderschat de eigen economische en sociale problemen. Het migratiedebat had volgens hem veel sneller duidelijke grenzen moeten krijgen in plaats van het decennialang te laten aanslepen. Tegelijk erkent hij dat de trage, coalitiegedreven Europese politiek ook voordelen heeft: net omdat compromis nodig is, remt ze extreme uitschieters af, ook al maakt diezelfde traagheid Europa soms te conservatief en te log om snel te hervormen.

Van Citizens United tot Chicken Noodle Network ▶ 1:00:49

Twee Amerikaanse systeemfouten komen samen in dit deel van het gesprek. Eerst het geld in de politiek: een arrest van het Amerikaanse hooggerechtshof, beter bekend als Citizens United, maakte ongelimiteerde politieke campagnefinanciering door bedrijven mogelijk.

“Vanaf nu mag iedereen, eender wie, bedrijven inclusief, ongebreideld geld steken in verkiezingscampagnes.“

Dat maakt het volgens Mertens vrijwel onmogelijk voor nieuwe partijen om door te breken, waardoor zowel Democraten als Republikeinen afhankelijk blijven van grote geldschieters. Vervolgens het mediaverhaal: CNN begon ooit als spotnaam “Chicken Noodle Network“ voor zijn 24 uur nieuwsformule, tot de eerste Golfoorlog het kanaal legitimiteit gaf. Nadien volgden Fox News en, als linkse tegenhanger, MSNBC.

“De gemiddelde Amerikaan die objectief wil kijken, zou eigenlijk een half uur Fox News en een half uur MSNBC moeten kijken.“

Waarom podcasts nuance geven die soundbite-media niet meer bieden ▶ 1:06:05

Mertens ziet in dat gepolariseerde medialandschap net de meerwaarde van langere gesprekken zoals deze podcast. Klassieke televisieformats laten volgens hem simpelweg te weinig tijd voor nuance, terwijl hij in interviews vaak maar vijf tot tien zinnen krijgt om een genuanceerd standpunt te brengen. Hij noemt de app Ground News, die toont hoe verschillende media een en dezelfde gebeurtenis inkleuren, als een instrument dat die vertekening zichtbaar maakt. Tegelijk relativeert hij het beeld van de Belgische pers als neutraal: onze kranten zijn dan wel niet openlijk partijdig zoals Fox News of MSNBC, maar leunen volgens hem op levensstijlthema's zoals wonen en voeding wel vaker progressief-links aan. Het gesprek eindigt met de vaststelling dat er, in tegenstelling tot nationale media, amper goede pan-Europese media bestaan die de Europeaan als geheel bedienen.

“Ik weet heel veel over Vlaanderen, ik weet ook nog wel iets over België, maar ik weet eigenlijk niks over de Europese Unie.“

Nick Mertens sluit af zoals hij begon: met een pleidooi voor nuance in een tijd die daar weinig ruimte voor laat. Zijn boek probeert precies dat te doen voor de Amerikaanse geschiedenis, het zwart-wit tonen zonder het simpel te maken. Voor Discours is dat de kern van de avond: niet kiezen tussen liefde en kritiek voor een land, maar beide tegelijk vasthouden.