De jonge garde houdt de wijn drinkbaar

In de knusse Melkerij van Brasschaat, waar de rode wijn al bij de eerste slok het gesprek op scherp zet, zit Jeroen Bergers (30) aan tafel. Jongerenvoorzitter N-VA, federaal parlementslid en schepen van financiën in Vilvoorde. Een indrukwekkende cv voor iemand die amper dertig is, al zou hij zelf waarschijnlijk zeggen dat leeftijd weinig ter zake doet als het land structureel op drift staat.

Bergers spreekt zonder omwegen. Over terreurdreiging waar “de meeste mensen geen idee van hebben“, over taalwetten die twintig jaar worden tegengehouden door één iemand aan de overkant van de taalgrens, over de stad die per capita de meeste ISIS-strijders naar Syrië zag vertrekken. Het chingetje rode wijn staat nog onaangeroerd wanneer hij al uitpakt met zijn eerste stelling.

“De wijn moet altijd drinkbaar blijven. Als er teveel water bij de wijn zit, gaat dat ook niet lekker zijn.“

De drie kerntaken van een jongerenafdeling ▶ 1:32

Wat doet zo'n jongerenafdeling eigenlijk? Voor de meeste mensen blijft het een vaag concept: een gezellige bende die af en toe politiek speelt. Bergers corrigeert dat beeld meteen. Hij onderscheidt drie kerntaken voor jongerenpartijen.

“De eerste is het scherp houden, het rechthouden van de lijn van de moederpartij. In ons systeem moet je veel water bij de wijn doen om tot akkoorden te komen,“ legt hij uit. “Maar uiteindelijk moet de wijn altijd drinkbaar blijven.“

De tweede taak is jonge mensen de politiek laten leren kennen op een informele, fijne manier. “Mensen die zich engageren in de politiek offeren heel veel van hun vrije tijd op. Dan moet dat gewoon leuk zijn. Zeker voor jongeren.“

Ten derde: actie voeren op het scherpste van de snede. Bergers heeft als jongerenvoorzitter de luxe dat hij niet zelf die water-bij-de-wijn-akkoorden moet sluiten. “Ik kan dus eigenlijk actie voeren op het scherpste van de snee om te zeggen: dit moet veranderen, dit loopt mis in onze maatschappij.“

Jong N-VA telt dit jaar al 280 nieuwe leden op drie maanden tijd. Ongeveer honderd per maand, rekent Bergers snel voor. “Dat vind ik best wel prima.“ Ook doorgroeien doen ze: verschillende jongeren zitten nu in het federaal parlement, in het Vlaams Parlement en in gemeenteraden. “Je merkt dat de politiek nu meer rekening gaat houden met die jeugd.“

"Ja, maar ik ben wel nog een Waal" ▶ 9:45

De jongerenpartij van N-VA is radicaler dan de moederpartij wanneer het op het communautaire aankomt. “Wij zeggen heel duidelijk: wij willen die Vlaamse onafhankelijkheid. Wij willen een Vlaamse Republiek. Wij willen zelfbestuur,“ stelt Bergers zonder omwegen.

De partij zelf spreekt over confederalisme, een nuance die voor Bergers vooral politieke noodzaak is. “Natuurlijk steun ik de federale regering. Ik denk dat die een stap in de goede richting zet met afschaffen van de senaat. Maar uiteindelijk zouden we liever een stap verder gaan.“

“Ik zou niet weten waarom wij meer moeten samenwerken met de Walen dan met de Nederlanders. Ik heb meer gemeen met Nederland dan met Wallonië.“

Dat verschil tussen Noord en Zuid blijkt ook tijdens regeringsonderhandelingen. Bergers haalt een veelzeggend voorbeeld aan van MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez tijdens de gesprekken over beperking van de werkloosheidsuitkering en het aanpakken van langdurig zieken.

“Bouchez zei aan de onderhandelingstafel: 'Ja, maar ik ben wel nog een Waal.' Dus: zo ver kan ik niet gaan. In Vlaanderen zouden we altijd stappen verder willen zetten.“

Ook de afschaffing van de senaat stuit op Franstalige weerstand. “De MR houdt dat tegen omdat de senaat een symbool is van het oude België,“ zucht Bergers. Hij vindt het compleet absurd, zeker omdat daar vandaag bijna niets meer gedaan wordt.

“Het laatste actuadebat in de Senaat ging over de menopauze. Ik vind de menopauze een belangrijk onderwerp, maar of je daarvoor een heel parlement in leven moet houden?“

Waarom hervormingen 20 jaar geblokkeerd worden ▶ 8:23

Het structurele probleem van België illustreert Bergers met concrete voorbeelden. De beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd – “een gigantische beperking van de transfers van Vlaanderen naar Wallonië“ – werd twintig jaar tegengehouden.

“De beperking van de werkloosheidsuitkering is twintig jaar tegengehouden omdat er aan de overkant van de taalgrens één iemand nee zei.“

Zelfs over onnozele zaken zoals politie-uniforms ontstaan communautaire discussies. De politie wil van de huidige kleuren overstappen naar blauw en fluogeel, zoals in Antwerpen. “De Franstaligen zeggen daar tegen: nee, want dat zou te hard lijken op Vlaanderen, dat is te Vlaams,“ schudt Bergers het hoofd. “Ik denk dat er geen enkele burger, geen enkele crimineel, geen enkele politieagent denkt dat fluogeel de Vlaamse Republiek betekent.“

Het democratische deficit is volgens hem evident: Vlamingen kunnen niet stemmen voor of tegen wat er in Wallonië gebeurt, en omgekeerd. “Je ziet hervormingen die gewoon geblokkeerd worden omdat er verschillende democratieën zijn die je bij elkaar moet optellen.“

In Vlaanderen ligt de werkzaamheidsgraad op bijna 80%, Vlamingen betalen 70% van de belastingen, maar het beleid wordt meebeslist door een groep “waar 60 à 65% van de mensen werkt en die veel minder betalen van de belastingen.“

"Het achterlijke cordon sanitaire" ▶ 23:38

Over het Vlaams Belang spreekt Bergers opvallend genuanceerd. Hij kent jongerenvoorzitter Mercina Verheyden “heel goed“ en sprak ook met haar voorganger Philip Brusselmans af “om een keer iets te gaan drinken.“

“Ik vind het achterlijk dat in ons politiek systeem nee wordt gezegd tegen voorstellen puur omwille van wie het voorstel doet.“

Het cordon sanitaire moet volgens hem doorbroken worden. Als het Vlaams Belang een goed idee heeft over zorg, waarom zou dat weggestemd worden puur omdat het van hen komt? “Dat helpt de bevolking niet vooruit.“

Maar hij heeft ook kritiek. Het Vlaams Belang is economisch links waar N-VA rechts is. “Zij stemmen tegen hervormingen van pensioenen omdat ze dat te rechts vinden.“ Ook hun internationale standpunten storen hem: “Hun sympathie voor Vladimir Poetin, hun banden met andere regimes zoals China.“

Een recent voorbeeld van politieke spelletjes: een hervorming van het Grondwettelijk Hof waarbij rechters een diploma rechten zouden moeten hebben en tweetalig zouden moeten zijn. Logisch, zou je denken voor het hoogste rechtscollege. Het Vlaams Belang stemde tegen. “We hadden een meerderheid, maar geen tweederde meerderheid door Vlaams Belang.“

Bergers zou graag zien dat het Vlaams Belang zelf initiatief neemt om het cordon te breken. “Als zij die meerderheid hadden geleverd voor iets evident waar elke burger voorstander van is, dan was het cordon symbolisch doorbroken geweest.“

Dreigingsniveau 3 van de 4 ▶ 32:02

Als federaal parlementslid in de commissie Binnenlandse Zaken behandelt Bergers politie, brandweer, migratie, terrorisme en private veiligheid. Materies die door de huidige geopolitieke context extra relevant zijn geworden.

“We zitten al drie jaar op dreigingsniveau 3 van de 4. En de meeste mensen hebben daar geen idee van.“

Niveau drie betekent dat er een ernstige terreurdreiging is en dat de veiligheidsdiensten in staat van paraatheid zijn. Niveau vier zou lockdown betekenen, zoals kort na de aanslagen in Zaventem. “Maar iedereen op straat zal het ermee eens zijn dat we nu met meer dreigingen geconfronteerd worden dan zes maanden geleden.“

De afgelopen week waren er aanslagen op synagoges in Luik, Rotterdam en Michigan, plus op de Amerikaanse ambassade in Oslo. “Georganiseerd door terreurcellen die geactiveerd zijn door het Iraanse regime,“ legt Bergers uit. Nochtans had een veiligheidsraad de week ervoor nog gezegd dat er geen extra dreiging was.

Wetgeving om militairen de straat op te sturen voor beveiligingsopdrachten ligt al weken klaar, maar wordt geblokkeerd door politieke spelletjes. “Minister Verlinden koppelt dat dossier aan het probleem in de gevangenissen. Zij wilt dat gevangenen vroeger worden vrijgelaten.“

“Op het moment dat onze collectieve veiligheid in gevaar is, ga je toch niet een koehandel organiseren over de vervroegde vrijlating van gevangenen?“

De stad die de meeste ISIS-strijders leverde ▶ 43:41

Bergers komt uit Vilvoorde, en die detail is niet onbelangrijk voor zijn kijk op veiligheid.

“Uit mijn stad Vilvoorde zijn per capita het meeste mensen naar Syrië vertrokken om voor ISIS te vechten. Uit heel Europa.“

Heel veel van die mensen zijn teruggekomen, sommigen zelfs teruggehaald door de vorige regering. Het argument was dat ze beter opgevolgd konden worden in België dan in het Midden-Oosten. “Daar ben ik fundamenteel mee oneens.“

Zijn eerste wetsvoorstel als parlementslid ging over het afnemen van de dubbele nationaliteit van mensen veroordeeld voor terroristische aanslagen. Het leek hem een evidentie: “Als je de wapens opneemt tegen onze maatschappij, dan heb je in die maatschappij niets meer te zoeken.“

Toch kostte het hem een jaar om dat voorstel door het parlement te krijgen. “Voor zo'n simpel voorstel heeft dat een jaar gekost. Ik ben supertrots dat het gelukt is, maar het sterkt mij in mijn overtuiging als nationalist dat dit land structureel slecht georganiseerd is.“

Het voorbeeld van Noura Firet, een ISIS-strijdster die “stoer aan het poseren was met Kalashnikovs“, illustreert het probleem. “Zij is teruggekomen, heeft enkele maanden een elektronische enkelband moeten dragen, en daarna was zij volledig vrij. Die mensen kan je toch beter verhinderen om terug te komen.“

"Nederlands is een taal voor honden" ▶ 52:04

Bergers' engagement voor de Nederlandse taal kreeg vorm tijdens een actie bij een coronatestdorp in Merode, een Brusselse deelgemeente. Iemand had de politie gebeld omdat hij in het Nederlands geholpen wilde worden.

“Wij waren daar met een groep jongeren actie gaan voeren met een pamflet: 'Eerste hulp bij Nederlandstalige onkunde.' Gewoon een aantal zinnen in het Frans met de Nederlandse vertaling,“ vertelt Bergers.

Tot hun verbazing reageerden de vrijwilligers mega positief. “Die zeiden: dit is fantastisch, waarom hebben wij dit niet van de Brusselse overheid gekregen?“

Maar het management reageerde anders en belde de politie.

“Die man van het management zei: 'Nederlands is een taal voor honden.' Vijf politiecombi's, geen enkele agent die Nederlands sprak.“

In de zesde politiecombi zat eindelijk iemand die Nederlands verstond. “Toen die agent hoorde wat er gezegd was, was het voor hem heel duidelijk wie hier niet agressief was geweest.“ Bergers deelde uiteindelijk samen met die agent de pamfletten uit.

Het probleem is structureel. In Brussel heeft de ministerpresident van een land waar meer dan 60% Vlamingen zijn, geen Nederlands geleerd. Van alle Franstalige ministers in de Brusselse regering spreekt er maar één Nederlands. “Alle Nederlandstalige ministers spreken ook Frans.“

Ziekenhuizen die patiënten dwingen ▶ 53:59

Het taalprobleem krijgt dramatische vormen in de zorg. Bergers vertelt over ziekenhuizen in de Vlaamse rand rond Brussel waar mensen geen zorg in hun eigen taal kunnen krijgen.

“Mensen worden verplicht om naar een Franstalig ziekenhuis te gaan waar ze niet in het Nederlands geholpen kunnen worden. Als jij niet aan je dokter kan vertellen wat je symptomen zijn, en je dokter kan niet aan jou vertellen wat er met je scheelt, dan krijg je gewoon slechtere gezondheidszorg.“

Toen inwoners van de rand konden kiezen om naar een Nederlandstalig ziekenhuis te gaan dat iets verder lag, reageerden de Franstalige ziekenhuizen niet door hun personeel Nederlands te leren. “Ze zijn naar de rechter gestapt om patiënten te dwingen naar hun ziekenhuis te komen. Dat vind ik hallucinant.“

In Wallonië is Nederlands nog altijd een keuzevak waar steeds minder voor gekozen wordt. Er zijn al vijf keer beloftes geweest om het verplicht te maken in 2030, “maar ik vrees dat het net zoals de vorige vier keer er uiteindelijk niet van gaat komen.“

“Als je Belgicist bent en je zegt 'dit land moet samen blijven', dan is het toch een evidentie dat je in onze hoofdstad zegt: mensen moeten in het Nederlands geholpen worden.“

"Met AI is uw argument achterhaald" ▶ 57:04

De verengelsing van het hoger onderwijs baart Bergers zorgen. Hij vertelt over een goede vriend, “geniaal in wiskunde en techniek“, die alles uit elkaar kan halen en weer in elkaar zetten. “Maar die is verschrikkelijk slecht in talen.“

Voor zijn master ingenieurswetenschappen moet die vriend verplicht wiskundige vakken in het Engels volgen. “Dat maakt voor hem die wiskundige vakken heel moeilijk, terwijl er perfect Vlaamse bedrijven zijn waar hij met zijn Nederlandstalige kennis die berekeningen kan maken.“

Bergers pleit niet tegen internationale opleidingen, integendeel. “Er moeten opleidingen zijn voor mensen die op die internationale markt terecht willen. Dat is belangrijk voor Vlaanderen in Europa. Maar het Nederlandstalige alternatief moet er ook zijn.“

Het probleem ontstaat wanneer Vlaamse professoren die niet zo goed Engels spreken, gedwongen worden om in het Engels les te geven. “Ik kan heel makkelijk twee uur lang mensen boeien over politiek in het Nederlands. Maar als je mij hetzelfde in het Engels vraagt, dan is dat een pak moeilijker.“

Wanneer de hosts opwerpen dat met AI alles vertaald kan worden, reageert Bergers scherp.

“Met de evolutie van AI kun je gewoon alles vertalen. Eigenlijk is uw argument achterhaald.“

Waarom nationalisme links zou moeten zijn ▶ 48:48

Bergers wijst erop dat Vlaanderen “bijna de enige natie ter wereld is waar nationalisme geclaimd wordt door rechtse partijen en niet door linkse.“ Historisch gezien was het Vlaamse gedachtegoed immers vaak links georiënteerd.

“Ik zou het fantastisch vinden als er ook een linkse Vlaams-gezinde partij zich in Vlaanderen lanceert. Dat zou een absolute aanwinst zijn voor het debat.“

Hij illustreert waarom taalrechten eigenlijk sociale rechten zijn. “Mensen kunnen geen zorg krijgen in hun eigen taal. Mensen worden door een ziekenwagen verplicht naar een Franstalig ziekenhuis gebracht waar ze niet in het Nederlands geholpen kunnen worden.“

“Zorg, betere zorg, dat is bij uitstek een sociaal thema. Je zou zeggen dat linkse partijen zich daarop kunnen profileren, en dat gebeurt vandaag jammer genoeg niet.“

Ook bij Groen ziet hij soms die reflex. “We waren een tijdje terug met Björn Rzoska hier. Die zei ook: ik vind het spijtig dat we enkel over Vlaanderen kunnen spreken in een rechtse context. Het concept nationalisme is niet per se rechts of links geclaimd.“

Voor Bergers zelf is het Vlaams nationalisme “tweeledig: emotioneel en praktisch.“ De emotionele component komt van zijn jeugd: op twaalf jaar verhuisde hij naar de Brusselse rand en ging naar school in Brussel. “Je ziet toch een groot verschil tussen die Vlaamse samenleving en die Brusselse samenleving. Ik kies voor die Vlaamse samenleving. Ik vind die mooier, die sluit meer aan bij hoe ik de toekomst zie van mijn eigen kinderen.“

Het praktische aspect draait om effectief bestuur. “Ik vind dat werken moet lonen en dat als je het risico neemt om te ondernemen, je daarvoor beloond moet worden. Soms heb ik het gevoel dat dat in ons land te weinig gebeurt.“

De toekomst van de representatieve democratie ▶ 1:05:45

Tegen het einde van het gesprek reflecteert Bergers op een breder probleem: het gevoel dat niemand het beleid krijgt waarvoor hij stemt. “Iedereen heeft dat gevoel. Links en rechts vinden elkaar daarin. Het is alsof we het eens zijn over de problemen, maar niet over de oplossingen.“

Hij hoopt op een manier om dat democratische model te “herverenignen“ en voorwaarts te bewegen. “We hebben ook niet echt een missie voorwaarts. Zelfs in Vlaanderen is het moeilijk om één toekomst te vormen. En dat heb je in andere landen meer, waar die identiteit harder mag leven.“

“Dat sterkt mij in mijn overtuiging als nationalist dat dit land structureel slecht georganiseerd is en structureel anders moet.“

Na anderhalf uur praten staat de rode wijn nog altijd onaangeroerd op tafel. Bergers heeft zijn punt gemaakt zonder omwegen: de wijn moet drinkbaar blijven, ook al moet er water bij. Maar te veel water, en niemand lust hem meer. Het is een metafoor die verder reikt dan enkel de N-VA-politiek. In een land waar de ene helft niet begrijpt wat de andere wilt, en waar simpele hervormingen decennia duren, roept de vraag zich op of de democratie zelf niet dringend aan hervorming toe is.

Voor Bergers is het antwoord duidelijk: meer Vlaanderen, minder België. Voor anderen ligt de oplossing elders. Maar dat we een probleem hebben, daarover lijkt iedereen het eens. De vraag is of we het oplossen voor de wijn helemaal ondrinkbaar wordt.