Siegfried Bracke over de Vlaamse polsslag: "Het meest bedreigende is dat er geen overkoepelend verhaal meer is"

Siegfried Bracke schuift aan met een zoet whiskytje en een uitspraak die meteen de toon zet voor het hele gesprek. De ex-VRT-journalist en ex-N-VA-voorzitter Kamer, vandaag opiniemaker, heeft naar eigen zeggen “nog nooit gewerkt in mijn leven“. Hij heeft daar zijn kinderen mee opgevoed: zoek iets om je brood mee te verdienen waarvan je niet het gevoel hebt dat het moet. Aan tafel in De Melkerij ontvouwt zich een gesprek over een Vlaanderen dat ethisch sterk vooruit is gegaan, maar dat zichzelf een groot verhaal kwijt is, een mediasysteem dat steeds uniformer wordt, en een politiek waar regeerakkoorden van negen naar tweehonderd bladzijden zijn opgerekt omdat het vertrouwen tussen partners naar nul is gegaan.

“Werk en pijn genieten te vaak dezelfde connotatie. En dat is eigenlijk niet oké.“

Het is een sliderwoord dat Bracke wegens zijn eigen luxepositie meteen relativeert. Hij weet wel dat een metser die op zijn zeventiende op de stelling staat, op zijn zevenenzestigste niet meer kan. Maar hij wil het systeem mee in vraag stellen dat geen onderscheid maakt naar wat je begonnen bent.

Vlaanderen is ethisch vooruit gegaan, en niemand wil dat zo zeggen ▶ 6:56

Op de vraag of de samenleving in veertig jaar beter of slechter is geworden, geeft Bracke een resoluut antwoord.

“Beter. Tuurlijk. Ik denk dat mensen veel toleranter zijn dan in mijn jonge jaren. Wij zijn ook gewoon economisch rijker geworden, ondanks alle geklaag en gezaag.“

Bracke is opgevoed op katholiek college, met “de roomse gewoonten en tradities“ als zelfbenoemd machtsapparaat. Hij erkent dat het hem ook veel heeft gegeven, maar dat het ethisch zonder twijfel een vooruitgang is dat dat machtsapparaat is afgezwakt. Het probleem dat daarmee gepaard gaat: een deel van de samenleving wenst nu fanatieker dan ooit in dat oude systeem te blijven.

De druk op de achttienjarige om alles te kunnen kiezen ▶ 8:30

Een paradox die Bracke met zorg formuleert.

“Als je nu achttien bent, heb je ongelooflijk veel dingen waaruit je kan kiezen. In mijn tijd was dat in theorie ook zo, maar je rolde eigenlijk van het een in het ander. Voor een achttienjarige nu is die druk om te kiezen ontzettend groot.“

Het is een vooruitgang die met zijn eigen verlies komt. De afgesleten kerktoren-routes (germanist? Dan onderwijs in het eigen college) zijn weg, maar de tien-tot-vijftienjarige zoektocht naar een eigen weg is voor velen verlammend. Bracke ziet dit niet als nostalgie maar als reëel sociaal vraagstuk dat de Belgische samenleving onvoldoende onderkennt.

"Het meest bedreigende is dat er geen overkoepelend verhaal is" ▶ 10:48

De diagnose die door het hele gesprek meereist.

“Wij gaan als samenleving naar daar. Dat verhaal vind ik veel te veel ontbreken. Het gevolg is dat je in een soort normen-en-waarden-discussie terechtkomt waarin je niet meer weet wat die waarden zijn.“

Voor Bracke is dat de structurele crisis waar Vlaanderen vandaag in zit. Niet de specifieke regeringsmaatregelen of de politieke spelletjes, maar het feit dat er geen gedeeld kader meer bestaat van waaruit besluitvorming kan vertrekken. Dat verklaart volgens hem alle vervolgproblemen: de eindeloze regeerakkoorden, het wantrouwen, de polarisering die elk gesprek splijt voordat er één argument is gemaakt.

Van negen bladzijden naar tweehonderd: de inflatie van regeerakkoorden ▶ 11:38

Een concreet voorbeeld waarmee Bracke zijn punt scherp maakt.

“Het Vlaamse regeerakkoord zal tweehonderd à tweehonderdtwintig bladzijden zijn. Niemand kent dat. Begin de jaren tweeduizend had Groot-Brittannië voor de eerste keer in zijn geschiedenis een coalitieregering. Het regeerakkoord was negen bladzijden. Alles stond erin.“

Het verschil zit volgens hem in vertrouwen. Een coalitiepartner die zijn collega vertrouwt, kan met negen bladzijden door. Wanneer het vertrouwen op nul staat, krijg je tweehonderd bladzijden vol details over alles wat je niet expliciet hebt afgesproken. Voor Bracke is dat geen onschuldige bureaucratie. Het is een symptoom van een politiek systeem dat zijn samenhang heeft verloren.

Beheersovereenkomsten als comfortabel theater ▶ 18:32

Wat Bracke van binnenuit kent, zowel als VRT-werknemer als als politicus, is het proces rond beheersovereenkomsten.

“Die beheersovereenkomsten zijn vijftig à zestig bladzijden lang. Het grote voordeel voor de VRT: er staat van alles in, en dus eigenlijk staan er geen echte afspraken in. Een comfortabele positie.“

Bracke beschrijft het mechanisme nuchter. Niet-meetbaar weergegeven verwachtingen baseren zich op de cijfers van vandaag. “Niet achteruit gaan“ wordt impliciet de norm. Hij betreurt het, want het geeft het gevoel van gedetailleerd toezicht zonder de inhoud. Maar de breder gedeelde misvatting is dat een korte beheersovereenkomst niet ernstig zou zijn. Dat is volgens hem de fundamentele denkfout.

Het Laatste Nieuws als verrassend divers ▶ 23:12

Een passage waarin Bracke het Vlaamse mediaverlies aanvecht met een verrassende beoordeling.

“De qua gedachten meest diverse krant in Vlaanderen is Het Laatste Nieuws. De mix is formidabel. Als er iets is in de wereld of in het eigen land wat je niet goed begrijpt, lees Het Laatste Nieuws.“

Bracke geeft een anecdote: zijn nieuwe vrouw las De Standaard, hij gaf haar voor haar verjaardag een abonnement op Het Laatste Nieuws. Vandaag, zegt hij, is zij een fanatieker supporter van de krant dan hij ooit kon zijn. Het is een stelling die hij wil verdedigen tegen de Vlaamse intellectuele zelfgenoegzaamheid: niet de “kwaliteitskrant“ is per definitie het meest pluralistisch.

"Extreem rechts" mag, "extreem links" bestaat niet ▶ 30:07

Het scherpste mediakritische standpunt in het gesprek.

“Bij de VRT-redactieraad is talloze keren de vraag gesteld: hoe moeten we omgaan met extreem rechts? Maar extreem links? Dat is geen woord. Geen probleem.“

Bracke wijst op de symmetrie die volgens hem in het journalistiek bewustzijn ontbreekt. Hij koppelt het direct aan het selectiemechanisme: VRT-journalisten zijn overwegend uit dezelfde studierichtingen, met gelijkaardige denkpatronen. “Als het een beetje links is, is het oké. Als het een beetje rechts is, is het gevaarlijk.“ Voor Bracke is dat niet noodzakelijk een complot, maar het is wel een structureel scheef redactiekader.

"Vindt u ook niet dat..." als het einde van kritische journalistiek ▶ 28:34

Een retorisch detail dat Bracke ophaalt om de mediashift te illustreren.

“Als je naar De Afspraak kijkt, dan begint de meest frequente vraag met: vindt u ook niet dat? Terwijl in mijn jonge jaren een vraag als 'vindt u ook niet' verboden was. Een journalist heeft zelfs ontslag genomen omdat hij vroeg: vindt u ook niet dat het kweken van kinderen de bestaande machtsstructuren in stand houdt?“

Voor Bracke is dat geen anekdote, het is een symbolische omkering. Waar de vorige generatie journalisten zichzelf trainde om elke retorische instemming met de geïnterviewde te vermijden, omdat het de schijn van consensus opriep, hanteert de huidige generatie dezelfde formule als basisformulering. Het is voor hem het bewijs dat consensus-zoeken het in de Vlaamse media van scherpte heeft gewonnen.

De polsslag van AI in de Vlaamse media ▶ 35:37

Bracke is openhartig over zijn eigen AI-gebruik, en geeft tegelijkertijd een waarschuwing.

“Ik vind AI fantastisch. Ik zoek er ook dingen in op en krijg verrassende antwoorden, in een mooi tekstje. Maar als je echt journalistiek wil blijven, moet je voor toegevoegde waarde zorgen.“

De zorg is bij hem dat onder druk steeds meer redacties van schrijven naar redigeren overgaan. Het worden mensen die AI-output halfzelf optimaliseren in plaats van zelf het origineel maken. Voor Bracke is dat een sluipend proces dat de eenheidsworst van de Vlaamse media nog verder verergert. Wat de differentiatie zou moeten leveren, de persoonlijke verstandige aanpak, wordt precies het eerste wat sneuvelt onder snelheidsdruk.

Politiek als gevecht om wat in de hoofden zit ▶ 42:34

Een verfrissend rake formulering van wat politiek voor Bracke is.

“Wat is de essentie van politiek? Het gevecht om te kunnen bepalen wat in het hoofd zit van de meeste mensen. Dus moet je met een verhaal komen, een narratief, zodanig dat mensen denken wat jij denkt en dat ze in dat verhaal meegaan.“

Voor Bracke is dat geen cynisch instrument, het is de fundamentele politieke logica. Wie een coalitie binnen wil winnen, of een verkiezing, moet niet aanvoeren wat hij zelf wil, maar de zorgen van anderen articuleren op een manier die zijn eigen project draagt. Hij voegt eraan toe: na de overwinning mag je dan niet stoppen. Dat is precies waar Bart De Wever, die hij nog altijd een van de interessantste mensen vindt die hij ontmoette, vandaag in tekortschiet door de media systematisch te vermijden.

Trump heeft 26 procent van zijn beloftes vervuld ▶ 49:27

Een cijfer waarmee Bracke de bombast rondom de Amerikaanse politiek nuanceert.

“Bij Trump 1 was 26 procent van zijn beloftes echt vervuld, 20 procent halverwege. De rest was iets anders. Dat cijfer is vergelijkbaar met dat van alle andere presidenten.“

Voor Bracke zit hier de relativering: ondanks de luidruchtige stijl van Trump, gedragen presidenten zich uiteindelijk redelijk consistent met hun voorgangers. Het echte verschil zit niet in wat ze realiseren, maar in de hevigheid van het verhaal dat ze brengen.

Margaret Thatcher en de kinderen van haar revolutie ▶ 50:15

Een referentie die Bracke graag opbrengt.

“Een BBC-journalist maakte een reeks over de Britse eerste ministers. Toen hij bij Thatcher kwam, was zijn zinnetje: 'We are all the children of Mrs Thatcher.' Haar strijd om de ideeën was perfect uitgevoerd.“

De kwantitatieve resultaten in belastingdruk, zegt Bracke, zijn vrij beperkt. Maar de mentale verschuiving die Thatcher in de westerse politiek heeft veroorzaakt, is gigantisch. Het is voor hem het bewijs dat de politiek van het verhaal even belangrijk is als de politiek van de besluiten. Vlaanderen, en breder België, doet niet aan die politiek van het verhaal en mist dus structureel het mechanisme om de samenleving te kantelen.

Het Belgische probleem dat je nooit oplost zonder structurele verandering ▶ 51:48

Bracke, die er nadrukkelijk aan toevoegt dat hij tegenstander is van een onafhankelijk Vlaanderen, is wel uitgesproken over de noodzaak om de huidige institutionele opzet anders te organiseren.

“Brussel is totaal failliet. Maar dat kan Brussel geen fluit schelen, want de afrekening komt op een ander niveau. De sleutel is dat je de deelgebieden financieel verantwoordelijk maakt, ook aan de inkomstenkant.“

Zonder die verantwoordelijkheid is wat hij ziet: een feedbackloop waarin slechts uitgaven worden gemaakt, schulden worden geaccumuleerd, en niemand de rekening voelt. Hij denkt dat de structurele aanpassing pas zal komen wanneer een soort Griekenland-scenario België afdwingt: IMF, Europese Commissie en Wereldbank die fysiek aan de deur staan om de boeken op orde te zetten.

“Wie de armoede van zijn buur organiseert, organiseert zijn eigen armoede.“

Het is een verzoenende uitspraak die hij richt naar zijn N-VA-collega's. Vlaanderen mag niet de fout maken te denken dat een verarmd Wallonië gunstig zou zijn. Het tegendeel is waar: het is voor het Vlaamse exportland strategisch en moreel essentieel om Wallonië mee te trekken.

De regering-De Wever en het tekort aan structureel verhaal ▶ 1:00:12

Op de vraag of de huidige regering aan structurele hervorming gaat doen, geeft Bracke een eerlijke maar weinig hoopvolle taxatie.

“Nee, dat is waar. Er staat niets in dat structureel leidt tot beter bestuur. Het regeerakkoord is een verzameling van: die partij wil dat, oké, we zetten dat erin. Een verzameling, geen verhaal.“

Hij vertelt over de tegenstellingen in communicatie: de beperking van werkloosheid wordt voorgesteld als gericht tegen Brussel en Wallonië, de meerwaardebelasting als gericht tegen Vlaanderen. Het is volgens hem politiek dat het oude beeld bevestigt: ieder doet zijn eigen zin, niemand spreekt uit waar de samenleving samen heen gaat. Een diagnose die Bracke met een glimlach en een gelaten schouderophalen tegelijk afsluit.

“Dat de samenleving een verhaal nodig heeft, dat is het ene wat ik in dit gesprek graag wil meegeven. En misschien dat de volgende generatie het wel oppikt.“