De ondernemer die bischop werd: David Geens over geloof, wetenschap en de Kerk van Jezus Christus
In de Melkerij te Brasschaat, waar normaal het chingetje whisky over tafel gaat voordat de microfoons aangaan, schuift David Geens een glas water naar zich toe. Geen alcohol, geen koffie, geen thee. De 50-jarige serieondernemer, bekend als ex-CEO van uitgeverij Herberg, zit hier niet alleen als zakenman. Geens is bischop van De Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, de kerk die de buitenwereld hardnekkig 'mormoons' blijft noemen, tot zijn zichtbare ergernis.
“De term mormoon is eigenlijk een beetje beledigend,“ zegt hij meteen. “Het is niet de mormoonse kerk, het is de Kerk van Jezus Christus van de heilige der laatste dagen.“ Het is de eerste van vele correcties die Geens die middag zal maken, niet uit arrogantie, maar met de geduld van iemand die gewend is misconcepties recht te zetten. Want misconcepties, daar heeft zijn kerk er wel een paar van opgelopen.
De hosts vragen zich hardop af of ze überhaupt wel welkom zijn, gezien hun voorliefde voor whisky. Geens lacht. Tot veertien jaar geleden, vertelt hij, ging er geen dag voorbij zonder dat hij met een goed glas in slaap viel. “Ik had meer dan 200 flessen wijn in mijn kelder liggen. Van de ene op de andere dag heb ik het allemaal weggegeven.“
Waarom 'mormon' een scheldnaam is (en wat de echte naam betekent) ▶ 3:06
Het gesprek begint met een semantische kwestie die allesbehalve triviaal is. Geens legt uit dat 'mormoon' historisch gebruikt werd om de aandacht af te leiden van het feit dat zijn kerk ook christelijk is. De naam verwijst naar het Boek van Mormon, één van de schrifturen die de kerk erkent naast de Bijbel, maar het probleem is dat de term de essentie mist.
“Wij spreken over het herstelde evangelie, de herstelde Kerk van Jezus Christus. De oorspronkelijke kerk die Jezus Christus zelf gesticht had is verloren gegaan door het overlijden van de laatste apostelen.“
In de 19e eeuw, zo vertelt Geens, verscheen Christus samen met zijn Hemelse Vader aan Joseph Smith in Amerika. Niet om een nieuwe religie te starten, maar om de oorspronkelijke kerk te herstellen. “Dit is de laatste keer voor het finale eindpunt, Het Laatste Oordeel. Vandaar: de heiligen der laatste dagen.“
De hosts knikken, maar zijn nog niet helemaal mee. Het verschil met het katholicisme blijft wazig. Geens probeert het bondig samen te vatten: bij hen staat Christus nog steeds aan het hoofd, spreekt God nog altijd door een levende profeet, en zijn er opnieuw twaalf apostelen aangesteld. De kerk is, met andere woorden, een levend organisme.
"Wij bestonden al als geesteskinderen van hemelse ouders" ▶ 6:12
Dan komt Geens met een leer die ook voor welwillende luisteraars vreemd klinkt.
“Wij geloven dat we reeds bestonden als geesteskinderen van hemelse ouders, dus zowel een Hemelse vader als een Hemelse moeder, dat we bij hen leefden in de hemel.“
Het idee is dit: voor we op aarde kwamen, leefden we als geesten bij God. Hij creëerde de aarde niet uit het niets, maar als een soort testomgeving. Een leerproces. “Onze bedoeling hier op aarde is om te leren eigen keuzes te maken, enorme keuzevrijheid en zelf te kiezen hoe willen we leven, willen we leven volgens goede standaarden of slechte standaarden.“
Het is een opvallend rationele uitleg voor iets mysterieus. Eén van de hosts duwt door: dit klinkt erg menselijk, een projectie van onze aardse ervaring op het hiernamaals. Geens geeft toe dat er grenzen zijn aan wat we kunnen begrijpen. “Mijn Wegen zijn hoger dan uw wegen,“ citeert hij uit de schrifturen. Maar hij voegt eraan toe dat deze leer voor hem net het ontbrekende puzzelstuk was.
Een ander kernverschil met het katholicisme: God de Vader, Jezus Christus en de Heilige Geest zijn bij hen drie aparte personen, geen drie-eenheid. “De Heilige Geest is de persoon die nog nooit een lichaam heeft gehad en daarom in staat is om in ieder van ons te getuigen.“
De verwarring wordt groter wanneer blijkt dat de hosts, en waarschijnlijk een groot deel van de luisteraars, altijd dachten dat dit zo was in alle christelijke kerken. Geens schudt zijn hoofd. “Dat is met de geloofsbelijdenis van Nicea erin geslopen in de eerste paar eeuwen van de Katholieke kerk.“
Geens gaat nog verder. Hij gelooft dat we blijven groeien tot we ook perfecte kennis hebben. “Om het heel simpel te zeggen, hoewel dat we niet zeker weten dat het zo is, maar misschien dat we op een dag zo perfect zijn dat God tegen ons zegt van goed gedaan en nu gaat gij maar zelf uw eigen universum creëren en ga daar maar God zijn van.“ Wanneer een host vraagt of er dan misschien ook nog een oppergod boven hun God bestaat, knikt Geens aarzelend. “Dat zijn dingen, dat zijn een aantal mysteries waar ik me inderdaad 's nachts om 3 uur beginnen over af te vragen.“
Van atheïst tot gelovige via de wetten van de fysica ▶ 10:50
Geens' eigen verhaal is misschien het meest verrassende aan dit gesprek. Hij werd atheïstisch opgevoed, “met een grote dosis argwaan tegenover alles wat religie was.“ Maar tijdens zijn studies begon de twijfel te knagen.
“Ik ben atheïstisch opgevoed met een grote dosis argwaan tegenover alles wat religie was. Maar naarmate ik studeerde begon ik alles maar meer te leren over fysica en scheikunde en had ik zoiets van dit zit toch wel heel mooi in elkaar.“
Hij stelde zichzelf zingevingsvragen waar wetenschap geen antwoord op gaf. Niet hóe de dingen werken, maar wáárom. “Voor mij was het logischer dat er een god is die een aantal dingen heeft bedoeld en dat we hier met een reden zijn dan dat het allemaal maar toeval is.“
Het zoekproces duurde jarenlang. Geens las over verschillende religies, stelde vragen, probeerde puzzelstukjes bij elkaar te leggen. “Ik ben dan rationeel genoeg om om te zeggen van dat is gevoelsmatig,“ erkent hij. “Op een gegeven moment moet je in het mystieke kijken.“ Maar toen hij uiteindelijk deze kerk leerde kennen, viel alles op zijn plaats.
“Ik heb lang gezocht, jarenlang gezocht, tot 13 jaar geleden dat ik deze kerk leerde kennen. Voor de eerste keer had ik zoiets van die geven het volledige antwoord.“
Het klinkt nogal zelfverzekerd. De hosts vragen zich af: hoe kun je rationeel concluderen dat juist deze kerk het bij het rechte eind heeft? Geens legt uit dat hij een jaar lang alles heeft gelezen, gaten probeerde te prikken, en uiteindelijk concludeerde via Occam's Razor, de meest eenvoudige verklaring is vaak de juiste, dat dit voor hem klopte. “Het was een heel bewuste keuze. Geloven is een keuze.“
Geen alcohol, geen koffie, geen seks buiten het huwelijk ▶ 17:06
Dan komen de levensregels ter sprake. Eén van de hosts merkt op: “Ik ga helaas nooit tot de Kerk van Jezus Christus kunnen behoren, want jullie zeggen die heerlijke whisky die we hebben gemaakt is niet toegestaan.“
Geens knikt. “Wij hebben een gezondheidswet: geen alcohol, geen koffie, geen thee, geen drugs. Ons lichaam is een geschenk van God dus dat moeten we respecteren.“
Maar het gaat verder dan drank. “Bij ons is het gewoon van je hebt geen seks buiten het huwelijk tussen man en vrouw. Typisch voor gezinnen in onze kerk is dat het vaak met meer kinderen is dan dat je momenteel in de maatschappij vindt.“
“Wij hebben een gezondheidswet: geen alcohol, geen koffie, geen thee, geen drugs. Ons lichaam is een geschenk van God dus dat moeten we respecteren.“
Het klinkt streng, bijna verstikkend. Toch benadrukt Geens dat er geen pistool tegen iemands hoofd wordt gezet. Er zijn leden die zich niet aan de normen houden, die geen tiende betalen, die niet op zending gaan. “Die vliegen er niet uit.“ Maar dan voegt hij eraan toe: “Het wordt wel verwacht.“
En daar zit de spanning. Want wat betekent 'verwacht' in een religieuze gemeenschap waar je wekelijks met dezelfde mensen samenkomt, waar iedereen elkaar kent, waar je bischop persoonlijk met je spreekt over je leven? Geens erkent zelf dat sommige leden het verstikkend vinden. Hij zegt ook dat sommige leden “veel forser“ zijn in hun benadering van anderen. De vrijheid is er, maar de sociale verwachting ook.
Is het een sekte? Geens' antwoord is genuanceerder dan je zou denken ▶ 25:45
Eén host vraagt zich hardop af of dit geen kenmerken van een sekte zijn. Geens heeft er duidelijk over nagedacht. “Daar beantwoorden wij aan maar daar beantwoorden ook andere kerken aan,“ zegt hij. Maar hij maakt een cruciaal onderscheid: “Bij secten is iets heel gesloten. Als je eruit stapt, wordt dat moeilijk gemaakt. Als één van mijn leden zegt: ik wil jullie nooit meer zien, zeg ik: jammer, maar alle respect.“
“Bij secten is iets heel gesloten. Als je eruit stapt, wordt dat moeilijk gemaakt. Als één van mijn leden zegt: ik wil jullie nooit meer zien, zeg ik: jammer, maar alle respect.“
Hij citeert één van de geloofsartikelen: “Wij eisen ons het recht toe om te geloven zoals wij willen maar kennen datzelfde recht aan ieder ander toe.“
Toch blijft de vraag hangen. De hosts duwen aan: er is toch wel een verschil tussen formeel vertrekken kunnen en psychologisch vrij zijn om te vertrekken? Geens erkent dat er leden zijn die “veel forser“ zijn dan hij zou willen, die andere leden onder druk zetten, die te agressief zijn in hun zendingswerk. Maar hij stelt ook dat dit menselijke variatie is, geen systeem. Niet iedereen handelt zoals de kerk zou willen.
De garage waar de gedeukte exemplaren binnenkomen ▶ 36:17
Geens gebruikt een beeldspraak die hij vaak hanteert. Mensen van buitenaf denken dat de kerk een showroom is met glanzende, perfecte modellen. “Nee,“ zegt hij. “Wij zijn de garage waar de gedeukte exemplaren binnenkomen, waar een wiel af is. Wij gaan net zoals Christus ook deed naar de mensen die niet in orde zijn. Niemand is in orde, we zijn allemaal zondig.“
“Wij zijn de garage waar de gedeukte exemplaren binnenkomen, waar een wiel af is. Wij gaan net zoals Christus ook deed naar de mensen die niet in orde zijn. Niemand is in orde, we zijn allemaal zondig.“
Hij illustreert dit met een concreet voorbeeld. Elk lid krijgt een aantal gezinnen toegewezen om over te waken. “Scheelt er iets met die gezinnen dan gaan die helpen.“ Als bischop ziet Geens regelmatig leden met financiële problemen. “Als iemand naar mij toe komt en zegt ik ben mijn job kwijt en ik kan deze maand huur niet betalen, dan ga ik niet alleen helpen met de huur te betalen, ik ga je ook helpen met iemand die je cv kan nakijken en je kan begeleiden.“
Het is een combinatie van materiële steun en praktisch advies, een soort gemeenschapszorg die in de bredere samenleving grotendeels verdwenen is. De hosts herkennen dit. Eén van hen zegt: “Ik ken de meeste van mijn buren niet. Dat is eigenlijk schrijnend.“
Geens: “Wij verwachten veel van de overheid. Het outsourcen van solidariteit. Vroeger had je meer dat groepsgevoel.“ Zijn kerk probeert dat te herstellen, maar hij geeft toe: niet iedereen zit daarop te wachten. “Voor sommigen kan dat verstikkend werken.“
Tiende betalen, en waarom de kerk rijk is (maar niet erkend wil worden) ▶ 19:47
Dan komt het geld ter sprake. Leden geven tien procent van hun inkomen aan de kerk. “Er zijn leden die dat niet doen, die geen tiende betalen. Die vliegen er niet uit, maar het wordt wel verwacht.“
“Wij geven 10 procent van ons inkomen. Er zijn leden die dat niet doen, die geen tiende betalen. Die vliegen er niet uit, maar het wordt wel verwacht.“
Eén keer per jaar heeft Geens als bischop een gesprek met elk lid. Hij vraagt: betaal je je tiende? Meer niet. Geen loonbriefjes, geen controle. “Als iemand tegen mij zegt van ik betaal wel tiende maar ze liegen tegen mij, dan liegen ze niet tegen mij, dan liegen ze tegen Hemelse vader want het is zijn gebod dat ze overtreden.“
Het leidt tot een opmerkelijke conclusie: de kerk is rijk, en dat wordt niet ontkend. “Als er ergens een ramp in de wereld gebeurt, de eerste vliegtuigen die landen met paletten met hulpgoederen, wie goed gaat kijken ziet daar in het klein het logo van onze kerk op.“
Toch is de kerk niet erkend door de Belgische overheid. Gevraagd of dit een probleem is, antwoordt Geens dat het nu voordelen heeft. “Wij zijn niet erkend. De voorwaarden om erkend te worden betekent automatisch dat je ook heel veel inmenging krijgt. Wie zegt dat we dat eigenlijk wel willen?“ Hij voegt eraan toe: “Wij krijgen geen euro subsidie. Daar kunnen we ons niet van beschuldigen.“
Het is een pragmatische keuze, hoewel het in het gesprek ook klinkt alsof Geens dit argument ter plekke construeert. De kerk zou wellicht willen erkend worden onder andere voorwaarden, maar de huidige realiteit is acceptabel.
Kerken versus tempels: sociale controle bij de poort ▶ 21:27
Geens maakt een onderscheid dat cruciaal is. “Er is een verschil tussen kerken en tempels. Kerken is waar we op zondag samenkomen, waar iedereen binnen mag. Maar tempels, daar kom je zelfs als lid van de kerk niet binnen, je moet waardig zijn.“
“Er is een verschil tussen kerken en tempels. Kerken is waar we op zondag samenkomen, waar iedereen binnen mag. Maar tempels, daar kom je zelfs als lid van de kerk niet binnen, je moet waardig zijn.“
Om een tempelaanbeveling te krijgen, voert Geens als bischop een gesprek. Hij stelt vragen: volg je het Woord van Wijsheid (geen alcohol)? Betaal je je tiende? Ben je kuis in je gedachten? “Pas als je daaraan beantwoord, teken ik af om te zeggen van Oké, ja goed. Je mag de tempel binnen.“
Geens erkent zelf: “Het is sociale controle, ja.“ Maar hij voegt eraan toe dat het gebaseerd is op vertrouwen, dat er geen onderzoek komt. Toch blijft de vraag: wat betekent 'vertrouwen' als je weet dat je bischop je vraagt of je aan normen voldoet, en je alleen op basis van jouw woord toegang krijgt tot de meest heilige plekken van je geloof? De drempel is niet fysiek, maar psychologisch.
België krijgt binnenkort zijn eerste tempel, iets waar Geens zichtbaar trots op is. De bouw is al bezig.
In de kerk is iedereen vrijwilliger (ook de bischop) ▶ 20:36
Dan komt een detail dat de hosts verbaast: er is geen betaalde clerus. “In onze kerk is geen betaalde clerus. Iedereen die waardig is kan het priesterschap dragen en het is allemaal vrijwilligerswerk. Over een aantal jaren kan het zijn dat men zegt David, nu is het jouw taak om wekelijks de kerk te kuisen.“
“In onze kerk is geen betaalde clerus. Iedereen die waardig is kan het priesterschap dragen en het is allemaal vrijwilligerswerk. Over een aantal jaren kan het zijn dat men zegt David, nu is het jouw taak om wekelijks de kerk te kuisen.“
Geens is nu bischop, maar dat is tijdelijk. Hij werd deze zomer aangesteld, en over een paar jaar kan hij net zo goed terug gewone taken krijgen. “Het hoogste orgaan van de kerk is het korum van de 12 apostelen. Bij het overlijden van de profeet wordt de langst zetelende apostel automatisch de volgende profeet. Er is altijd een profeet, er is altijd iemand gemachtigd.“
De rotatie van functies versterkt het idee dat niemand boven een ander staat. Het priesterschap is niet voorbehouden aan een elite, maar gedragen door wie waardig is.
Waarom de profeet nog steeds nieuwe openbaringen krijgt (en hoe dat gevalideerd wordt) ▶ 42:06
Hier komt het grote verschil met andere christelijke kerken. “Voor vele andere christelijke kerken is het: sinds de geboorte van Christus, voordien waren er altijd profeten, sindsdien zwijgt God. Bij ons zwijgt hij niet en praat hij nog constant.“
“Voor vele andere christelijke kerken is het: sinds de geboorte van Christus, voordien waren er altijd profeten, sindsdien zwijgt God. Bij ons zwijgt hij nog constant.“
Tweemaal per jaar komt de hele kerk samen voor een algemene conferentie, wereldwijd gevolgd via internet. Daar spreekt de profeet, en soms kondigt hij nieuwe openbaringen aan. Geens geeft een voorbeeld: “Onze profeet heeft jaren geleden in een algemene conferentie gezegd: ik heb openbaring gehad en Christus vindt het eigenlijk niet zo fijn dat zijn kerk niet meer naar hem wordt genoemd.“
Sindsdien gebruikt de kerk niet langer 'mormoons' als geuzennaam. Het is een kleine aanpassing, maar illustratief voor hoe de leer evolueert. “Neem nu zoiets als het internet. Jesaja die wist nog niet wat het internet was, die kon daar moeilijk iets over zeggen.“
De hosts vragen: maar hoe kun je dat proces vertrouwen? Hoe weet je dat het echte openbaring is en geen fraude? Geens legt uit dat doctrine pas geldt als meerdere schakels het bevestigen. “De profeet zegt ik heb openbaring gehad, zijn twee raadgevers moeten dan in gebed gaan, moeten door de Heilige Geest dezelfde openbaring krijgen en de bevestiging krijgen, nadien moeten de 12 apostelen daarover in consensus eens zijn.“ Pas dan leggen ze het voor aan de algemene conferentie.
“Het hangt nooit van één persoon af,“ zegt Geens. Maar dan voegt hij er haastig aan toe: “Wel van één persoon, want het hangt van de profeet af en eigenlijk van Jezus Christus.“ De cirkelredenering blijft hangen. Als de profeet én zijn raadgevers én de apostelen allemaal moeten bevestigen via de Heilige Geest, wie valideert dan of de Heilige Geest echt gesproken heeft? Het blijft uiteindelijk een kwestie van subjectieve beleving binnen een gesloten groep.
"Ik voelde dat ik naar die zuster moest gaan" ▶ 44:31
Dan vertelt Geens over een persoonlijke ervaring. Hij zat vooraan tijdens een dienst, keek de gemeente in, en zijn blik viel op een oudere vrouw.
“Ik keek naar een oudere dame en had het gevoel er scheelt iets, ik moet daarmee gaan praten. Twee minuten later stond ik recht, ging naar haar toe en ze zei: ik zou graag mijn getuigenis geven maar dat gaat mij niet lukken met mijn slechte been.“
Geens haalde een microfoon met een lange kabel, liep naar haar toe, en liet haar vanuit haar stoel spreken. Voor hem was dit de Heilige Geest die hem influisterde. “Voor u als rationele mens is dat: ik heb gewoon een goed idee gehad. Voor mij is dat de keuze om te zeggen: ik heb een ingeving gekregen.“
Het is een fundamenteel verschil in interpretatie van dezelfde gebeurtenis, en Geens is zich daar volledig van bewust. Hij dwingt zijn lezing niet op, maar kiest ervoor om het als goddelijke sturing te zien.
Zesduizend leden in België, zeventien miljoen wereldwijd ▶ 56:44
De kerk blijft groeien. “We zijn met iets meer dan 17 miljoen wereldwijd. In België zijn we ongeveer met 6500. Binnen de christelijke kerken zijn we een van de snelst groeiende.“
“We zijn met iets meer dan 17 miljoen wereldwijd. In België zijn we ongeveer met 6500. Binnen de christelijke kerken zijn we een van de snelst groeiende.“
Het zwaartepunt ligt nog steeds in de VS, waar Salt Lake City dezelfde rol speelt als Rome voor katholieken. Maar de expansie is wereldwijd. Jonge mannen van 18, 19 jaar gaan twee jaar op zending, vaak naar landen waar ze de taal niet spreken. “Maar er zijn er ook die dat niet doen,“ voegt Geens eraan toe. “Het wordt verwacht, maar het is geen verplichting.“
Zendingswerk: respect of doelgericht? ▶ 59:28
Het 'marketing model', zoals één van de hosts het noemt, is simpel: leden zijn zendelingen. Maar de toon verschilt enorm. Geens: “Ik vertel en ik probeer u op al uw vragen te antwoorden en ik zou het fantastisch vinden als je volgende week eens naar de kerk komt. Interesseert u niet? Even goede vrienden.“
Maar hij erkent ook dat sommige leden “veel forser“ zijn. Hij geeft een voorbeeld van een man in Brugge die op het kerkhof graven gaat poetsen en daar rouwende families aanspreekt. “Die man heeft al ik weet niet hoeveel mensen naar de kerk gebracht gewoonweg door daar op het kerkhof te zijn.“ De hosts merken op: “Je pakt mensen op een emotioneel kwetsbaar moment.“ Geens antwoordt laconiek: “Niemand gaat uw graf anders kuisen.“
Geens zelf gebruikt moderne technieken. Hij heeft webpagina's gemaakt die via zoekmachineoptimalisatie mensen bereiken die zoeken naar zingevingsvragen. “FAQ, mormonen.info. Ik gebruik mijn tools van search engine optimization om te gaan kijken waar zoeken mensen zoal op. Be there where they try to find you.“ De ironie ontgaat de hosts niet: de website heet 'mormonen.info', de term die Geens net beledigend noemde. Hij lacht. “Slimme marketing.“
“Ik vertel en ik probeer u op al uw vragen te antwoorden en ik zou het fantastisch vinden als je volgende week eens naar de kerk komt. Interesseert u niet? Even goede vrienden.“
De spanning tussen 'respect' en 'doelgericht' blijft hangen. Geens' eigen aanpak klinkt zacht, maar hij erkent dat er binnen de kerk mensen zijn die daar anders mee omgaan. De variatie in zendingswerk suggereert dat de grenzen niet altijd even helder zijn.
Twee jaar op zending: verplicht of niet? ▶ 1:16:03
Dan komt de vraag: wat gebeurt er met wie niet op zending gaat? “Jongens van 18, 19 jaar worden verwacht om 2 jaar op zending te gaan, ergens de wereld in te trekken en zendingswerk te doen. Maar er zijn er ook die dat niet doen.“
“Jongens van 18, 19 jaar worden verwacht om 2 jaar op zending te gaan, ergens de wereld in te trekken en zendingswerk te doen. Maar er zijn er ook die dat niet doen.“
Geen sancties, maar wel een verwachting. Het past in het bredere patroon: hoge standaarden, maar menselijke flexibiliteit. Geens geeft toe dat sommige leden het verstikkend vinden, anderen juist verrijkend. “Ik ken mensen die bij ons week over de vloer komen en niet gedoopt zijn, die heel bewust zeggen: ik vind het leuk om deel te zijn van deze gemeenschap maar ik geloof niet voldoende om mij te laten dopen. Ook die zijn welkom.“
“Ik ken mensen die bij ons week over de vloer komen en niet gedoopt zijn, die heel bewust zeggen: ik vind het leuk om deel te zijn van deze gemeenschap maar ik geloof niet voldoende om mij te laten dopen. Ook die zijn welkom.“
Lidmaatschap verliezen: bescherming of juridisch kunstje? ▶ 50:57
Toch zijn er grenzen. Wie overspel pleegt en in de tempel verbonden heeft gesloten, kan zijn lidmaatschap verliezen. Maar Geens formuleert het verrassend: “We schrappen uw lidmaatschap zodanig dat uw verplichtingen die je hebt tegenover God geannuleerd zijn, zodat als ge bij hem terugkomt, je veel minder zwaar gestraft wordt.“
Het klinkt pragmatisch: contractbreuk oplossen door het contract te annuleren. De hosts zijn verbijsterd. “Dus je kunt je contract annuleren zodat alles niet meer geldt?“ vraagt één van hen ongelovig. Geens knikt, alsof het de meest logische oplossing ter wereld is.
Het blijft een vreemde constructie. De logica lijkt te zijn: als je zondig bent en toch officieel lid blijft, stapelen je verplichtingen zich op en word je zwaarder gestraft in het hiernamaals. Door je lidmaatschap te schrappen, hef je die verplichtingen op en verminder je dus je straf. Het is theologisch creatief, maar of het meer is dan een juridisch kunstje om ongemakkelijke situaties op te lossen, blijft een open vraag.
Het past wel in de theologie van groei en kansen. Zelfs na dit leven krijg je nog mogelijkheden om je te bekeren. “Wij geloven dat we allemaal op de een of andere manier het eeuwig leven kunnen krijgen. Het ultieme is dat we terug echt in de aanwezigheid van God kunnen komen. De onderste gradatie is: je hebt wel het eeuwig leven maar je bent niet meer in aanwezigheid van God.“
“Wij geloven dat we allemaal op de een of andere manier het eeuwig leven kunnen krijgen. Het ultieme is dat we terug echt in de aanwezigheid van God kunnen komen. De onderste gradatie is: je hebt wel het eeuwig leven maar je bent niet meer in aanwezigheid van God.“
De ondernemer en de bischop: harde keuzes met een zacht hart? ▶ 48:37
De hosts vragen hoe Geens de balans vindt tussen zakenman en gelovige. Moet je als ond