Een gesprek met Noah Janssen: "De bijen vallen soms gewoon uit de lucht van de toxines"

In de gezellige Melkerij in Brasschaat schenkt Noah Janssen, algemeen directeur van Natuurpunt, zich een chingetje in. Na bijna twintig jaar aan het roer van Vlaanderens grootste natuurorganisatie straalt hij nog altijd de passie uit van de dertienjarige jongen die ooit zijn ogen opengingen in de vallei van de Zwarte Beek. “Ik heb daar gewandeld op trilvenen, bodems die bewegen als je erop staat. Er lag een reekalfje bijna onder mijn voet, dat bleef zo liggen omdat het vertrouwt op zijn schutkleur. Dat was echt zo'n topervaring.“

Die ervaring bepaalde zijn leven. Van vrijwilliger bij de lokale Natuurpunt-afdeling in zijn Limburgse gemeente groeide Janssen uit tot de man die vandaag 125.000 gezinnen vertegenwoordigt en 30.000 hectare natuur beheert. Maar achter de indrukwekkende cijfers schuilt een zorgwekkende realiteit: de staat van de natuur is dramatisch slecht, en tijd dringt.

"Als huismus bedreigd is, dan weet je dat het echt slecht gesteld is" ▶ 23:46

“Het is heel slecht gesteld met de natuur. Echt ongelooflijk slecht. Als soorten als huismus bedreigd zijn, dat is een soort die bedreigd is.“

De cijfers zijn alarmerend. De huismus, ooit de gewoonste vogel van Vlaanderen, gaat achteruit met 75 procent op tien jaar tijd. Janssen schetst een beeld van een ecosysteem onder extreme druk: “De bijen vallen soms gewoon uit de lucht van de toxines. De hoeveelheid insecten is massaal achteruit gegaan. In Duitsland hebben ze onderzoek gedaan op biomassa aan insecten in een reservaat al meer dan 50 jaar en die biomassa was met 50 of 75 procent achteruit gegaan, in een reservaat.“

Het paradoxale verhaal van de vossen illustreert de complexiteit. Terwijl algemene soorten als huismus verdwijnen, nemen opportunistische soorten als vossen toe. “We hebben wel meer vossen“, zegt Janssen droogjes. Het is een symptoom van ecosystemen die uit balans zijn geraakt, waar natuurlijke predatoren verdwijnen en opportunistische soorten de overhand nemen.

De man die 500 natuurreservaten beheert ▶ 4:08

Natuurpunt is uitgegroeid tot een van de grootste grondbezitters van Vlaanderen. “Zo hebben wij op dit moment een 500-tal reservaten, dus dat is eigenlijk in elke gemeente. 29.000 hectare richting 30.000.“ Die cijfers roepen vragen op: is het wel gezond dat één organisatie zoveel grond bezit?

Janssen verdedigt het model: “Wat wij doen is wij kopen die gronden gesubsidieerd maar we leggen nog altijd een aanzienlijk deel zelf bij en van dat moment af is die grond, is daar natuur de hoofddoel.“ De gronden worden bovendien juridisch beschermd. “Eigenlijk staat er in de akte: dit terrein moet altijd een natuurbeheerplan hebben en dus kan dat nooit reversed geraken eigenlijk, of heel moeilijk.“

Het systeem is sinds enkele jaren gedemocratiseerd. “Iedereen kan natuurreservaten creëren. Gij kunt dat ook. Je moet aan dezelfde voorwaarden voldoen als waar wij aan moeten voldoen.“ Privé-eigenaars kunnen nu ook aankoop- en beheersubsidies krijgen, mits ze voldoen aan dezelfde kwaliteitseisen.

Waarom de polder even belangrijk is als de kathedraal van Brugge ▶ 26:23

“Poldergraslandenen zijn één van de weinige natuurtypes waar wij op internationaal niveau een verantwoordelijkheid voor hebben. Die bestaan nog heel weinig eigenlijk.“

Janssen wordt gepassioneerd als hij over de polders spreekt. “Die poldergraslandenden zijn ongeveer zo oud als de kathedraal van Brugge. Iedereen vindt de kathedraal van Brugge mega belangrijk om te houden maar die polders worden gewoon omgeploegd.“

Het is meer dan nostalgie. Deze eeuwenoude graslanden vertegenwoordigen een natuurtype dat internationaal steeds zeldzamer wordt, en waar België een specifieke verantwoordelijkheid voor draagt. Het illustreert ook Janssens filosofie: natuur heeft net zoveel culturele waarde als gebouwen, maar wordt minder erkend omdat het een “zachte waarde“ is.

"Onze rivieren waren compleet dood, er zat echt geen leven meer in" ▶ 24:24

Niet alles is kommer en kwel. Janssen erkent de vooruitgang die geboekt is, vooral bij de waterkwaliteit. “Onze rivieren zijn niet meer compleet dood. Ze waren compleet dood. Er zat echt geen leven meer in.“ Door decennialange investeringen in waterzuivering leeft er weer vis in de Schelde.

Maar 'beter' betekent nog niet 'goed'. “De hoeveelheid nitraat in die waterkwaliteit is op veel plekken echt nog veel te hoog en wij zien dat heel goed, als je in de beekjes kijkt dan zie je heel vaak dat die vol met algen zitten.“ Die algengroei is een direct gevolg van te veel voedingsstoffen in het water, vaak afkomstig van de landbouw.

Het spanningsveld tussen vooruitgang en normen blijft gevoelig. Janssen gebruikt een culinaire vergelijking: “Als ik u een hele lekker spaghetti voorstel, alleen zit daar iets te veel cyanide in, dan stel ik toch voor dat je die niet opeet. Als alles goed is, alle factoren zijn goed maar één is echt niet goed, dan is het niet goed.“

De imkers die liever naar de stad trekken ▶ 54:54

“De imkers zetten op dit moment liever hun kasten in de stad dan dat ze die op het platteland zetten.“

Een van de meest verrassende wendingen in Janssens verhaal is de vlucht naar de stad, niet alleen van mensen, maar ook van bijen. Imkers kiezen bewust voor stedelijke locaties omdat daar meer bloeiende planten te vinden zijn dan op het intensief bewerkte platteland.

Het illustreert een paradox: “Je moet maar eens ergens in een landbouwlandschap gaan staan en luisteren. Je hoort niet veel meer.“ De stilte die vroeger rust betekende, is nu het geluid van een leeg ecosysteem. “50% van de landbouwproductie heeft bestuivers nodig. In sommige streken in China zijn ze fruitbomen aan het bestuiven met de hand omdat er gewoon geen insecten meer zijn.“

Coca-Cola als onverwachte bondgenoot ▶ 12:35

Natuurpunt haalt 70 procent van zijn budget uit subsidies, maar de resterende 30 procent komt van private partners. “Met Coca-Cola hebben wij een heel groot project. Coca-Cola heeft nationaal de policy dat zij aan water replenishment willen doen.“

De samenwerking is pragmatisch: Coca-Cola wil de hoeveelheid water die het gebruikt teruggeven aan de natuur, Natuurpunt wil de natuurlijke waterhuishouding herstellen. “Wij kopen terreinen en wij willen die natuurlijke waterhuishouding herstellen dus dat is dan een match.“ Een ecohydroloog berekent hoeveel water er effectief meer wordt opgeslagen, een extern bureau auditeert de resultaten.

Het toont Janssens pragmatische aanpak: samenwerken met bedrijven die hun verantwoordelijkheid nemen, in plaats van ze ideologisch te boycotten.

Windmolens: noodzakelijk kwaad of slim beleid? ▶ 1:08:59

“Vogels die vliegen richting zo'n mast en die misschatten hoe snel dat die wieken draaien. Die buitenkant van die wiek gaat aan honderden kilometers per uur.“

Bij windenergie toont Natuurpunt opnieuw zijn nuances. Janssen erkent dat windmolens impact hebben op vliegende dieren. Voor vleermuizen is het zelfs fataal zonder directe botsing: “Gewoon drukverschil door die wiek zorgt ervoor dat hun longen klappen. Wel echt fragiele beestjes.“

Maar de organisatie is niet principieel tegen windenergie. “In de zee, ja, daar zou het misschien wel kunnen, maar kijk dan wel hoe de zeevogels in hoofdzaak trekken, dat je dat niet loodrecht erop zet maar parallel meezet.“ Het is opnieuw die pragmatische reflex: niet alles tegenhouden, maar wel slim plannen.

Detectieapparatuur die molens stil legt bij de aanwezigheid van vleermuizen is één van de compromissen die werden uitgewerkt. “Het is een goed voorbeeld van waar dat we dan tonen dat we wel meedenken om oplossingen te zoeken.“

De haven van Antwerpen: van confrontatie naar samenwerking ▶ 40:53

Het Deurganckdok-dossier illustreert hoe Natuurpunt te werk gaat. Toen de haven van Antwerpen plannen had die een Europees beschermd natuurgebied zouden aantasten, “stonden we daar lijnrecht tegenover elkaar en die werken zijn stilgelegd geweest.“

Maar confrontatie was niet het doel. “Het is niet onze hobby om dingen tegen te houden, wij komen op voor natuur. Als er alternatieven mogelijk zijn dan willen wij dat wel doen.“ Uit die houding groeide een samenwerkingsovereenkomst waarin 10 procent van de havenoppervlakte als ecologische infrastructuur wordt gezien.

“In de haven van Antwerpen wordt 10% van de oppervlakte als ecologische infrastructuur gezien. Als die populaties gezond zijn is het ook geen probleem dat op percelen waar gebouwen moeten komen die populatie verloren gaat.“

"Water in flessen zou onze overgrootouders doen uitlachen" ▶ 55:14

Janssens verhaal krijgt een persoonlijke dimensie als hij spreekt over wat we verloren hebben. “Als je tegen uw overgrootouders had gezegd dat wij water in flessen kopen om te drinken, dan lachten die u vierkant uit. Maar wij kunnen gewoon uit ons putten geen water meer halen want de kwaliteit is te slecht.“

Het is niet alleen nostalgie, maar een wake-up call. “Wij hebben zoveel effect op onze omgeving dat we daar echt veel bewuster over moeten nadenken wat dat we doen.“ Die bewustwording ontbreekt nog te vaak. “Doordat wij ongeveer gratis energie hebben in de vorm van aardolie hebben wij bulldozers en we strooien overal kunstmest. Die natuur kan heel veel aan maar je moet die de tijd geven om een evenwicht te zoeken.“

De Maya's als waarschuwing voor de toekomst ▶ 1:07:49

Tijdens een familiereis naar Mexico ontdekte Janssen dat de Maya-beschaving niet door de Spanjaarden werd vernietigd, maar door hun eigen handelen. “Rond 950 zijn al die culturen van die Maya's helemaal ingestort en de hoofdreden daarvan was dat zij hun eigen omgeving zo hadden vernietigd dat die steden die daar waren, dat ging niet meer.“

“Die tempels waren allemaal volledig geplemuurd. Om één kuub van dat pleistersel te maken hadden zij twee kuub hout nodig. Ze hebben daar alle hout gekapt.“

Het verhaal dient als waarschuwing: “Als je geen rekening houdt met uw omgeving dan kan het echt slecht aflopen. Dat is geen doemdenken, dat is net positief denken: we moeten alleen slim ermee omgaan.“

Gentiaan blauwtjes en de kwetsbaarheid van specialisten ▶ 58:32

Janssens verhaal over de gentiaan blauwtjes op het militair domein van Beverlo toont hoe kwetsbaar gespecialiseerde soorten zijn. Dit kleine vlindertje leeft in een complexe symbiose met klokjesgentiaan en moerasseekmieren in natte heidesystemen. “Ze stopten met tellen omdat er zoveel waren. Nu heb ik gehoord dat van de vier populaties er al twee zijn uitgestorven.“

Het illustreert een groter probleem: soorten die weinig mobiel zijn, kunnen niet uitwijken wanneer hun habitat verdwijnt. “Bosanemoon verspreidt zich 30 cm per jaar. Als je twee bossen hebt die 300 meter uit elkaar liggen, dan duurt dat 1000 jaar tegen dat die daar zijn.“

De betonstop: bouwen we te veel of te weinig slim? ▶ 1:11:15

Over de betonstop is Janssen duidelijk: “Onze oppervlakte is al zo verdicht, spectaculair. Wat we juist nodig hebben is het omgekeerde want dat water dat gaat komen met die klimaatwijziging, dat gaan we moeten kunnen opvangen.“

De oplossing ligt niet in uitbreiding, maar in slimme verdichting. “Je kunt ook heel kwaliteitsvol in de hoogte bouwen. Die kern daar kunnen volgens mij wel één of twee lagen bij doen en dan heb je in één keer hectaren in het buitengebied die niet meer moeten bebouwd worden.“

Hij kijkt naar Nederland: “Die hebben toch nog altijd heel mooi dorpjes maar toch kunnen die een ruimtelijke ordening veel beter organiseren dan wij. Hoe komt dat? Die maken keuzes. Wij willen allemaal overal maar kunnen bouwen.“

De klimaatmigratie heeft al begonnen ▶ 45:02

Als voormalig libellenliefhebber ziet Janssen de klimaatverandering in real time gebeuren. “Er zijn een honderdtal soorten libellen in België en sommige soorten zijn sinds 1850 één keer gezien. Gaffel waterjuffer heeft nu in België tientallen populaties, dat is een zuiderse soort.“

Maar niet alles kan migreren. “Wat gebeurt er met de soorten van boven? Die ijsbeer, waar gaat die naartoe?“ Het is de keerzijde van de opwarming: voor elke zuiderse soort die naar het noorden komt, verdwijnt er een noordse soort die nergens heen kan.

"We zijn nu extreem, maar het was vroeger nog extremer" ▶ 51:14

Janssen weerlegt de kritiek dat natuurorganisaties te extreem zijn geworden. “We zijn eigenlijk niet extreem, het was gewoon heel erg en we moeten daar nog verder ingaan.“ Hij herinnert aan de tijd dat mensen zeiden: “Vroeger, de Dender, daar ging dat echt niet in zwemmen, was levensgevaarlijk.“

Het tempo van verandering is ongekend. “We hebben ook nog nooit zo'n tempo gehad behalve bij hele grote massa extinctie events. Dan spreek je over 60, 70, 80, 90 procent van de soorten die verdwijnen. En dat komt terug, maar dat duurt dan ook een paar miljoen jaar.“

De onderliggende filosofie: natuur als systeem

Door het hele gesprek heen toont Janssen een systeemdenken dat verder gaat dan individuele soorten beschermen. “Natuur is natuurlijk een soort evenwicht dat ontstaan is onder een bepaalde samengaan van factoren. De mens is een belangrijke factor, maar de vraag is hoe hard grijpt je in, hoe vaak wisselt je dat en hoe intens is dat?“

Die beekvalleien die Natuurpunt opkoopt, waren ooit de levensaders van dorpen. “Als je geen aardolie hebt, wat is dan de energie in uw dorp? Watermolen. Maar nog iets anders: paarden. En wat was het voer van paarden? Gras.“ Die historische context helpt begrijpen waarom net die plekken zo waardevol zijn voor de natuur.

Van confrontatie naar dialoog

Wat opvalt in Janssens verhaal is de evolutie van activism naar pragmatisme. “Het is helemaal niet onze hobby om dingen tegen te houden. Onze eerste houding is altijd opbouwend. We gebruiken de rechtbank om precedenten te zetten, zodat we de andere gevallen niet moeten dagvaarden omdat het eigenlijk al duidelijk is.“

Die nuance ontbreekt vaak in het publieke debat. “Je kunt de natuurvereniging niet kwalijk nemen dat we voor de natuur opkomen. Maar de eerste stap is altijd: kunnen we praten, kunnen we oplossingen zoeken?“

In de Melkerij, tussen de lege glazen en de avondschemer, wordt duidelijk dat Noah Janssen en zijn organisatie staan voor meer dan natuurbescherming alleen. Ze pleiten voor een fundamenteel andere manier van omgaan met onze leefomgeving, gebaseerd op lange termijn denken in plaats van korte termijn winst. Of zoals hij het zelf formuleert: “We moeten alleen slim ermee omgaan.“

Het is een boodschap die past bij de Discours-filosofie: door dialoog en wederzijds begrip komen we verder dan door schreeuwen vanuit onverzettelijke posities. Natuurpunt toont dat je principieel kunt zijn zonder dogmatisch te worden, dat je kunt strijden voor je idealen terwijl je toch bereid blijft om te luisteren en samen te werken. In een tijd van polarisatie is dat misschien wel de belangrijkste les van allemaal.